Editorial:
Loewak is an Intelligent Media network. We offer news, articles and perspectives no one else offers.Our aim is to build a new media that actually rewards instead of punishes intelligence. We are looking for writers, journalists, scientists and artists to form an alternative to the big media. Choose 'Blog hosting' from the top menu to see what we can offer you.
Ad network
Fantasmania:

Archive for April, 2007

Joshua Ray Stephens

In het jaar dat ik in Amsterdam een kamer huurde, antikraak op het Rokin, kwam ik Joshua Ray Stephens tegen, omdat bleek dat hij in onze kamer logeerde. Een intelligente en aardige jongen met wie ik uitgebreid heb zitten discussieren over vanalles en nogwat. Sindsdien mailen we elkaar regelmatig, ik stuur hem gedichten en hij stuurt me af en toe nieuw werk. Joshua woont in New York en binnenkort gaan we ook samen aan een project werken.

Miriam by Joshua Ray Stephens

Chaucer & Philip by Joshua Ray Stephens

Openlucht Bibliotheek 3

Vandaag kreeg ik post, de eerste Nederlandse bijdrage aan de Openlucht Bibliotheek, opgestuurd door Bart van der Pligt. Bart stuurde de volgende dichtbundels op:

‘Vogels’ van Nachoem M. Wijnberg - Uitgeverij Contact
‘De een en de ander’ van Toon Tellegen - Uitgeverij Querido
‘Zijn opkomst in de voorstad’ van Alfred Schaffer - Uitgeverij Thomas Rap
‘Een leeuwerik boven een weiland’ van K.Schippers - Uitgeverij Querido
‘Starfish’ van Arjen Duinker - Uitgeverij PK (eigen uitgave?)

Het bijzondere is dat alle bundels zijn gesigneerd door de auteurs zelf met de beste
wensen aan de Openlucht Bibliotheek en aan Kerem Yilmaz. Een fantastische bijdrage waarmee ik en Kerem hardstikke blij zijn. Tegen de tijd dat de bibliotheek weer open kan zal ik van elk boek een situatiefoto maken.

Bart & alle auteurs: vriendelijk bedankt.

Mensen die ook een boek willen bijdragen aan de Openlucht Bibliotheek (foto)
kunnen hun boeken sturen naar:

Openlucht Bibliotheek
Guzeller Sokak 24/4
Maden Mahellesi Buyukada
Istanboel / Turkije

Mensen die graag eens zo’n boek willen komen lenen zijn tegen de tijd dat de bibliotheek weer open gaat van harte welkom.

Update: Ik heb inmiddels van Bart begrepen dat tooggangers van Cafe De Klok in Delft deze actie financieel gesponsord hebben. Cafe de Klok in Delft is daarmee de belangrijkste steunpliaar voor Turkse Openluchtpoezie en een vrijhaven voor ware literatuurliefhebbers.

Proverb

“People who speak with forked tongues should not kiss balloons”

Een prachtig spreekwoord, zeg nou zelf.

De Hysterische Robot

Hans Groenewegen laat weten:

Lucebert publiceerde in 1989 zijn oratorium Troost de hysterisch robot. Zondag 13 mei wordt het voor het eerst uitgevoerd op het Tolhuis Tuinfestival in Amsterdam. Lucebert maakt met zijn oratorium een bestandsopname van onze tijd. Het is niet de vraag of onze broodnodige troost een hysterische robot is, of dat de door en door gemechaniseerde maar met extreme emoties gemangelde hedendaagse mens getroost moet worden. Bij Lucebert is het altijd èn èn. Op die manier lukt het hem om tenminste de taal te troosten.

Uitvoerders van het oratorium zijn de dichters Anneke Brassinga, Rozalie Hirs, Liesbeth Lagemaat, Tonnus Oosterhoff, Samuel Vriezen , Hans Groenewegen en de improviserende musici Anne La Berge en David Dramm. Informatie over het festival vindt u op www.tolhuistuinfestival.nl. Voor deze gelegenheid heb ik op mijn website een vers essay over Lucebert toegankelijk gemaakt.

In zijn gedicht ‘aan de teleurgestelde leerkrachten’ constateert Lucebert dat er honger is naar ‘heelhuids weten’. Die honger is vijftig jaar na ontstaan van dat gedicht alleen maar toegenomen. Voor het tijdschrift Vooys schreef ik een essay waarin ik een pleidooi houd voor een andere opzet van het poëzieonderwijs. Dit voorstel voor een heelhuids weten dat naar meer smaakt, is voor deze gelegenheid eveneens te vinden op www.hansgroenewegen.nl

Voor een Nederland naar Turks model

Ik ben al geruime tijd voorstander van het modelleren van het Nederlandse politieke bestel naar Turks model.

Want laten we even wel wezen: de turken hebben namelijk alles veel beter geregeld dan wij. Ik zie een verre toekomstdroom voor me waarin het Nederlandse leger hard ingrijpt als de CDA maffia in Nederland weer eens haar klauwen zet in het seculiere bestel. Dat Balkenende gewoon in een militair busje wordt afgevoerd als hij ‘christelijke waarden’ de europese grondwet in probeert te stouwen.

Hadden de Amerikanen zo’n bestel naar Turks model gehad dan had George ‘God told me to start a war’ Bush allang sokken zitten breien in Guantanamo Bay dat, onder zo’n bestel, echte terroristen zou bevatten: het soort mensen dat graag paniek zaait met waandenkbeelden.

Nee, ik blijf erbij dat het Turks bestel veruit superieur is aan enig westers model. Ataturk is juist een van de weinige democraten die ooit inzagen dat een democratie niet kan functioneren zonder een sterk controleapparaat.

Peer Metselaar

Gek, een vaasje jonge giraffes leeggietende

Bas van de Hurk / Wouter Verhoeven

Andere oude bekenden van me uit mijn cacaofabriek tijd: Bas van de Hurk en Wouter Verhoeven.

Vreemde en beklemmende taferelen. Ik weet nog dat ik ooit met een negermasker op ‘Tenessee Stud’ van Johnny Cash voor ze heb gezongen. Van de Hurk/Verhoeven maken onplaatsbare kunst waarin altijd elementen van travestie en geloof een rol lijken spelen.

Update: ik begrijp inmiddels van Bas dat de samenwerking is beeindigt en dat de site binnenkort uit de lucht wordt gehaald, uw laatste kans dus hun werk eens online te bekijken.

Rogier Walrecht

Ik kreeg een mail van een oude bekende van me, Rogier Walrecht, die op zoek was naar een filmpje dat ik ooit voor hem gemonteerd had in Premiere. Rogier is een heel bijzonder tekenaar, zoals te zien is op zijn website.
Ik ken Rogier nog uit mijn tienerjaren omdat destijds een exvriendin iets met hem kreeg. Maar daarvoor zag ik hem al af en toe in de ‘Bakkerij’, hij was destijds ‘psychobilly’ en ik was altijd geimponeerd door de bijzonder neurotische manier van dansen die daar schijnbaar bijhoorde.Later kreeg ik van hem een hele bijzondere oude dichtbundel die zijn vader ooit had samengesteld met Nederlandstalige poezie. Ik denk dat ik Rogier eens ga vragen iets in Istanboel te gaan doen, ik heb vaker plannen om hier op het eiland een soort exporuimte te beginnen. Vorige week had ik ook 3 videokunstenaars te gast die naar het eiland willen verhuizen en daar ook wel wat in zagen. Er staat een enorm mooi, groot statig schoolgebouw leeg hier waar ooit een kunstacademie in zat die verhuisd is naar het centrum van Istanboel. Mensen die ook wel wat zien in een project hier kunnen altijd even contact met me opnemen, wie weet rolt er wat uit.

Mark Strand

Mark Strand is al een jaar of tien een van mijn favoriete dichters, maar schijnbaar begint er nu in de nederlandse literatuurwereld ook enige interesse in hem te ontstaan. Vreemd, want de man is al een jaar of 30 absoluut een topdichter. Maar wat krijgen we nu: een vertaalde bundel, terwijl bijna elke nederlander het origineel zou kunnen lezen. En een slechte recensie, waarin allerlei onzin over Strand beweerd wordt. Zo zou Strand een ‘Dichter voor dichters’ zijn, dat wil zeggen iemand die vooral voor een incrowd van dichters schrijft. Argumentatie daarvoor is dat Strand vaak het schrijfproces zelf in zijn gedichten als karakters laat fungeren. De recensent is echter duidelijk niet op de hoogte van Strand’s oeuvre, want dan zou hij weten dat die typering juist op Strand helemaal niet van toepassing kan zijn. Strand’s werk laat zich juist typeren door helderheid en toegankelijkheid. Strand is ook mateloos populair onder mensen die juist niet echt van poezie houden - de recensent heeft dus duidelijk zijn huiswerk niet gedaan.

Erg kwalijk kun je dit hem, alleen afgaande op de vertaling van ‘gedichten eten’, niet nemen. Het engelstalige gedicht eindigt met de zin ‘I romp with joy in the bookish dark’. In de nederlandse vertaling is dit geworden
‘ik dartel van genot in de boekige nacht’. Wat een hopeloos slechte vertaling is dit, zeg. Het gedicht speelt zich met name af in een bibliotheek! Wat is in vredesnaam de reden dat ‘the bookish dark’ is vervangen door ‘de boekige nacht’ in de nederlandse versie? Zit Strand ineens buiten sluitingstijd in die bibliotheek? Het is toch juist een essentieel onderdeel van dit gedicht dat het zich in een bibliotheek afspeelt, dus wat is er dan mis met ‘het boekige donker’? Laten we het over ‘dartelen van genot’ als vertaling van ‘romp with joy’ maar al helemaal niet hebben. Wat een persiflage is deze vertaling zo geworden: terwijl het origineel op sterke, donkere wijze eindigt zie ik hier in de nederlandse versie vooral konijnen na sluitingstijd aan de boeken knabbelen. Ik heb de rest van de bundel niet gelezen, maar als deze hetzelfde niveau heeft als de vertaling van ‘gedichten eten’ dan vrees ik het ergste.

Het literatuurtijdschrift

Tijdschrift Plebs publiceert in het meinummer twee gedichten van mijn hand, maar ik ben vergeten welke dat waren. Of was het er nou maar één? Ik weet het niet meer.

Ik stuur nooit dingen naar tijdschriften, daar geloof ik niet in. Maar als ze me vragen dan zeg ik meestal wel oké. Dat hele cultuurtje van tijdschriften die allemaal elkaars dichters zitten publiceren lijkt mij wat teveel op de kunstwereld waar alle subsidiekunstenaars in elkaars expositieruimtes exposeren, op grond waarvan ze dan weer subsidie krijgen. Een prachtig bureaucratisch perpetuum mobile. Het zet wel aan het denken waarom bepaalde mensen tijdschriften of expositieruimtes beginnen. Officieel natuurlijk wegens liefde voor de kunst, dat spreekt. Ik kan me echter niet aan de indruk onttrekken dat veel mensen een tijdschrift beginnen om te pogen hun eigen werk naar de top te ellebogen. Eigenlijk is dat wellicht een kunstvorm op zichzelf, maar ik vind dan zo’n kunstenaar die zijn eigen werk stiekum in het MMOA ophing tussen de ‘bekende’ kunstenaars een stuk leuker.

Wat doe je toch weer zompig, Benders, hoor ik u denken, literatuurtijdschriften, dat is toch juist romantisch en gezellig? Het zal inderdaad wel weer aan mij liggen. Ik had toen ik een jaar of 17 was ook al een verhitte discussie in een of ander gestencild studentenblaadje met Mark Boog. Ik weet nog dat ik toen vurig de stelling verdedigde dat poezie schrijven niet te leren is en dat schoot Boog in het verkeerde keelsgat. Terecht, wellicht, hoewel ik nog steeds denk dat er wel het een en ander op de stelling af te dingen valt. Ik vind die hele ‘poezie workshop’ cultuur die uit Amerika is over komen waaien echt vreselijk. We moeten juist trots zijn op het feit dat er geen poezieacademies bestaan. Het is namelijk in de kunstwereld geheid zo dat 90% van de leraren op de kunstacademie zelf mislukt kunstenaar is. En het probleem met dat soort figuren is meestal dat ze uit een soort oedipus complex opereren: ik ben mislukt, dus moet iedereen maar mislukken. Je hoort dan ook de meest groteske, idiote adviezen op zo’n academie. Ze weten allemaal precies hoe je het commercieel moet maken, als aankomende kunstenaar. Dat 99% 3 jaar na afronden van de kunstacademie geen kunst meer maakt, dat typeert toch wel dat er iets aan kunst is wat niet aan te leren valt, laat staan te workshoppen. Dus Boog, mocht je dit lezen, ik handhaaf zelfs 17 jaar na dato mijn stelling dat poezie schrijven eigenlijk niet te leren valt. Uiteraard had Boog anderszins wel gelijk dat het wel mogelijk is het jezelf te leren, maar dat lijkt mij dan ook wel de enige mogelijkheid.

Misschien moet ik ook maar eens een tijdschrift beginnen, dan wordt ik vanzelf nog gezelliger.

Who are we
Loewak is currently made by Martijn Benders and Jeroen Nieuwland. Martijn Benders is an award winning Dutch poet and philosopher that is currently working on a tetralogy of four books simultanously. Jeroen Nieuwland is a Berlin based avantgarde poet, teacher and art lover.
Ad network
Categories