Archive for April, 2007
Bas van de Hurk / Wouter Verhoeven
Andere oude bekenden van me uit mijn cacaofabriek tijd: Bas van de Hurk en Wouter Verhoeven.
Vreemde en beklemmende taferelen. Ik weet nog dat ik ooit met een negermasker op ‘Tenessee Stud’ van Johnny Cash voor ze heb gezongen. Van de Hurk/Verhoeven maken onplaatsbare kunst waarin altijd elementen van travestie en geloof een rol lijken spelen.
Update: ik begrijp inmiddels van Bas dat de samenwerking is beeindigt en dat de site binnenkort uit de lucht wordt gehaald, uw laatste kans dus hun werk eens online te bekijken.
Rogier Walrecht
Ik kreeg een mail van een oude bekende van me, Rogier Walrecht, die op zoek was naar een filmpje dat ik ooit voor hem gemonteerd had in Premiere. Rogier is een heel bijzonder tekenaar, zoals te zien is op zijn website.
Ik ken Rogier nog uit mijn tienerjaren omdat destijds een exvriendin iets met hem kreeg. Maar daarvoor zag ik hem al af en toe in de ‘Bakkerij’, hij was destijds ‘psychobilly’ en ik was altijd geimponeerd door de bijzonder neurotische manier van dansen die daar schijnbaar bijhoorde.Later kreeg ik van hem een hele bijzondere oude dichtbundel die zijn vader ooit had samengesteld met Nederlandstalige poezie. Ik denk dat ik Rogier eens ga vragen iets in Istanboel te gaan doen, ik heb vaker plannen om hier op het eiland een soort exporuimte te beginnen. Vorige week had ik ook 3 videokunstenaars te gast die naar het eiland willen verhuizen en daar ook wel wat in zagen. Er staat een enorm mooi, groot statig schoolgebouw leeg hier waar ooit een kunstacademie in zat die verhuisd is naar het centrum van Istanboel. Mensen die ook wel wat zien in een project hier kunnen altijd even contact met me opnemen, wie weet rolt er wat uit.
Mark Strand
Mark Strand is al een jaar of tien een van mijn favoriete dichters, maar schijnbaar begint er nu in de nederlandse literatuurwereld ook enige interesse in hem te ontstaan. Vreemd, want de man is al een jaar of 30 absoluut een topdichter. Maar wat krijgen we nu: een vertaalde bundel, terwijl bijna elke nederlander het origineel zou kunnen lezen. En een slechte recensie, waarin allerlei onzin over Strand beweerd wordt. Zo zou Strand een ‘Dichter voor dichters’ zijn, dat wil zeggen iemand die vooral voor een incrowd van dichters schrijft. Argumentatie daarvoor is dat Strand vaak het schrijfproces zelf in zijn gedichten als karakters laat fungeren. De recensent is echter duidelijk niet op de hoogte van Strand’s oeuvre, want dan zou hij weten dat die typering juist op Strand helemaal niet van toepassing kan zijn. Strand’s werk laat zich juist typeren door helderheid en toegankelijkheid. Strand is ook mateloos populair onder mensen die juist niet echt van poezie houden - de recensent heeft dus duidelijk zijn huiswerk niet gedaan.
Erg kwalijk kun je dit hem, alleen afgaande op de vertaling van ‘gedichten eten’, niet nemen. Het engelstalige gedicht eindigt met de zin ‘I romp with joy in the bookish dark’. In de nederlandse vertaling is dit geworden
‘ik dartel van genot in de boekige nacht’. Wat een hopeloos slechte vertaling is dit, zeg. Het gedicht speelt zich met name af in een bibliotheek! Wat is in vredesnaam de reden dat ‘the bookish dark’ is vervangen door ‘de boekige nacht’ in de nederlandse versie? Zit Strand ineens buiten sluitingstijd in die bibliotheek? Het is toch juist een essentieel onderdeel van dit gedicht dat het zich in een bibliotheek afspeelt, dus wat is er dan mis met ‘het boekige donker’? Laten we het over ‘dartelen van genot’ als vertaling van ‘romp with joy’ maar al helemaal niet hebben. Wat een persiflage is deze vertaling zo geworden: terwijl het origineel op sterke, donkere wijze eindigt zie ik hier in de nederlandse versie vooral konijnen na sluitingstijd aan de boeken knabbelen. Ik heb de rest van de bundel niet gelezen, maar als deze hetzelfde niveau heeft als de vertaling van ‘gedichten eten’ dan vrees ik het ergste.
Het literatuurtijdschrift
Tijdschrift Plebs publiceert in het meinummer twee gedichten van mijn hand, maar ik ben vergeten welke dat waren. Of was het er nou maar één? Ik weet het niet meer.
Ik stuur nooit dingen naar tijdschriften, daar geloof ik niet in. Maar als ze me vragen dan zeg ik meestal wel oké. Dat hele cultuurtje van tijdschriften die allemaal elkaars dichters zitten publiceren lijkt mij wat teveel op de kunstwereld waar alle subsidiekunstenaars in elkaars expositieruimtes exposeren, op grond waarvan ze dan weer subsidie krijgen. Een prachtig bureaucratisch perpetuum mobile. Het zet wel aan het denken waarom bepaalde mensen tijdschriften of expositieruimtes beginnen. Officieel natuurlijk wegens liefde voor de kunst, dat spreekt. Ik kan me echter niet aan de indruk onttrekken dat veel mensen een tijdschrift beginnen om te pogen hun eigen werk naar de top te ellebogen. Eigenlijk is dat wellicht een kunstvorm op zichzelf, maar ik vind dan zo’n kunstenaar die zijn eigen werk stiekum in het MMOA ophing tussen de ‘bekende’ kunstenaars een stuk leuker.
Wat doe je toch weer zompig, Benders, hoor ik u denken, literatuurtijdschriften, dat is toch juist romantisch en gezellig? Het zal inderdaad wel weer aan mij liggen. Ik had toen ik een jaar of 17 was ook al een verhitte discussie in een of ander gestencild studentenblaadje met Mark Boog. Ik weet nog dat ik toen vurig de stelling verdedigde dat poezie schrijven niet te leren is en dat schoot Boog in het verkeerde keelsgat. Terecht, wellicht, hoewel ik nog steeds denk dat er wel het een en ander op de stelling af te dingen valt. Ik vind die hele ‘poezie workshop’ cultuur die uit Amerika is over komen waaien echt vreselijk. We moeten juist trots zijn op het feit dat er geen poezieacademies bestaan. Het is namelijk in de kunstwereld geheid zo dat 90% van de leraren op de kunstacademie zelf mislukt kunstenaar is. En het probleem met dat soort figuren is meestal dat ze uit een soort oedipus complex opereren: ik ben mislukt, dus moet iedereen maar mislukken. Je hoort dan ook de meest groteske, idiote adviezen op zo’n academie. Ze weten allemaal precies hoe je het commercieel moet maken, als aankomende kunstenaar. Dat 99% 3 jaar na afronden van de kunstacademie geen kunst meer maakt, dat typeert toch wel dat er iets aan kunst is wat niet aan te leren valt, laat staan te workshoppen. Dus Boog, mocht je dit lezen, ik handhaaf zelfs 17 jaar na dato mijn stelling dat poezie schrijven eigenlijk niet te leren valt. Uiteraard had Boog anderszins wel gelijk dat het wel mogelijk is het jezelf te leren, maar dat lijkt mij dan ook wel de enige mogelijkheid.
Misschien moet ik ook maar eens een tijdschrift beginnen, dan wordt ik vanzelf nog gezelliger.
Deze week
Een wat hectische week achter de rug, nou ja, wat heet. De zomer komt er weer aan en dan neemt het aantal feestjes op het eiland exponentieel toe. Dat het overgrote deel nog steeds bij me thuis plaatsvind, dat wijt ik vooral aan mijn eigen luiheid. Het is wel altijd het type ‘spontaan feest’ – er komen een man of 8 over de vloer en voor je het weet lig je op het balkon met een fles raki en is het alweer een uur of 4. Maar goed, we doen ook nog constructieve dingen, zoals films kijken. Deze week ‘The fountain’ gezien, een vreemde film, soort van ‘Tarkovsky doet hollywood’. Ik vond het resultaat zelf niet bijzonder geslaagd, maar de film kreeg veel positieve reviews dus het zal wel weer aan mij liggen. Iets aan de film irriteerde me: waarschijnlijk dat ik een beetje een punthoofd krijg van films die scharnieren op ‘toevallige gebeurtenissen’ die dan later allemaal op bijzondere wijze ineenvallen: o ja, die magische boom was dus eigenlijk het nekhaar van zijn vriendin. Een andere, nog veel slechtere, film gezien: ‘What the Bleep do we Know’ – hoewel de film een paar interessante theorien bevat die het overdenken waard zijn is de film zo ongelofelijk knullig gemaakt dat ik me groen en geel geergerd heb aan de zwaar potsierlijke ‘verbeelding’ van de zogenaamd quantummechanische ‘wetten’ die recht uit de nachtmerrie van een bejaarde hippie kwamen gevlogen. Het ergerlijke new-age sausje van de film op de koop toe nemende, zijn een aantal theorien die in de film gepresenteerd worden zulke lachwekkende simplificaties van de quantum theorie dat je denkt: ik haal mijn Ad Visser CD weer eens uit de kast. Die man had helemaal geen hogere fysica nodig, een paar stofzuigers en een gong voldoen.
Ben een website aan het maken voor mijn vriendin Pinar. Pinar is een fotografe, danseres en masseuse. Dat laatste doet ze zo goed (vandaag anderhalf uur) dat ik de website maak in ruil voor massages. Dat heeft wel wat, die ruilhandel. Ik heb een andere vriend daar ga ik ook een website voor maken, omdat die zulke ongelofelijk lekkere pizza’s bakt. Website, 5 pizza’s heb ik gezegd. Het is maar goed dat ik, door jarenlange ervaring, werk als een lucky luke.
Kuzguncuk/Robert Crumb/Apocalypto
Ik was gister bij vrienden in Kuzguncuk, waar ik de foto die hier beneden staat heb gemaakt. Ze gingen ‘s nachts naar een concert in Babylon, een van de betere clubs hier in Istanboel. Ik was te moe om mee te gaan en hou zowiso niet van ‘progressieve rock’, zoals het door hun werd omschreven. Op 10 Mei komt echter Fred Wesley & the JB’s in Babylon en daar ga ik wel zeker heen. Op weg naar huis de filmdocumentaire ‘Crumb’ op de kop weten tikken en thuis meteen gekeken. Ik had hem al ooit gezien en het is een van mijn favoriete documentaires. Robert Crumb is een artiest van formaat.
Daags daarvoor samen met vrienden ‘Apocalypto’ gekeken. Wat moet je daar nu van vinden? De film als zodanig is best goed. Het is echter tegelijkertijd eigenlijk een lachwekkende, belachelijke film. Behalve dat Gibson historisch bezien allerlei feiten door elkaar haalt is het uiteraard weer pure christelijke propaganda waarin de ‘barbaarse’ Maya’s geportretteerd worden die schijnbaar koppen snelden bij de vleet. Op het einde van de film echter een sprankje hoop als de blanke mannen arriveren. Zoals wij allemaal weten waren die spanjaarden bijzonder beschaafd. Irritante propagandafilm dus weer, maar in tegenstelling tot ‘300’ dit keer wel propaganda die tenminste nog enig verhaal heeft, hoewel de helft van de film van ‘Rambo’ is geleend.
Interessantere vraag: is het toeval dat juist nu 2 films verschijnen waarin de perzische (300) en hispanische (Apocalypto) culturen door Hollywood op schaamteloze wijze worden neergezet als barbaarse antiwesterse
machten? Ik vind het wel eigenaardig dat beide films, die veel met elkaar gemeen hebben, bijna gelijkertijd verschijnen en ook nog op hetzelfde moment dat schaduwpaus Maxime Verhagen weer eens laat weten dat Nederland in geval van een aanval op Iran best mee mag doen, ook zonder VN. Zou het CDA stiekem deze films gesponsord hebben? Ik heb de aftitelingen bekeken, maar vermoed dat Verhagen ons belastinggeld er onder pseudoniem in heeft gestoken.
