Een dualiteit die zich hult in zijn eigen smaak
Soms is het als je een galerie of museum bezoekt juist leuk om het meest aandacht te schenken aan de slechtste werken die je ziet hangen. En slechte werken, die zijn er gelukkig altijd. Het zou maar een saaie bedoening worden als alles in het leven van een ongenaakbaar perfecte glans werd voorzien. Sterker nog, voor een beetje kunstenaar is de imperfectie juist het werkterrein – hij ziet de wereld niet zoals veel mensen in een soort schijndualiteit van ‘perfect’ en ‘imperfect’ – een kunstenaar, in de brede zin van het woord ervaart de perfectie als totaliteit. Daarom is voor hem alles perfect, of niets. Hij ziet werelden in een handjevol vuilnis. Hij ziet corporaat fascisme in modellengezichten. En kleine meisjes vind hij, net als Zabolotski, op vieze kikkers lijken.
Daarom is het dus altijd leuk even te kijken welke werken minder aanspreken. Neem nou de beroemde Saatchi Galerie - valt weinig op aan te merken, redelijk consistent in haar visie op kunst, redelijk vooruitstrevend zonder irritant te worden, niet bijzonder experimenteel maar wel een goed ijkpunt om te kijken of je nog nieuw talent voorbij ziet komen. Dat is zo’n beetje mijn mening over de Saatchi.
Toch zie je ook daar af en toe een kunstenaar ertussen zitten van welke je denkt ‘hmja, wat doet dat eigenlijk in de Saatchi?’ – neem nou het werk van de Deen John Korner – hier te bekijken
Je kunt eigenlijk niet zeggen dat dit ‘slechte’ kunst is. Maar wat is het dan wel? Eigenaardig. Irritant, want veel te gemaakt in zijn opzet. Kijk bijvoorbeeld hoe ‘expres’ de helft van een schilderij leeg gelaten blijft, dat kennen we nou onderhand wel. In de kunstacademie Den Bosch studeren elk jaar 30 nieuwe kunstschilders af die allemaal leren van de meester dat ze hun schilderijtjes half leeg moeten laten omdat dat er wel lekker experimenteel uitziet.
Nee, deze Korner lift duidelijk mee op de nieuwe acid wave uit de States: zeer eigenaardige perspectiefwisselingen binnen 1 werk. Alleen: hij bakt er maar weinig van. Maar goed, hij probeert wel van alles. Een beetje gotische romantiek. Een beetje maatschappijkritiek. Verdomme, ik eet mijn hoed op als dat die brug in eindhoven niet is daar bij station beukelaan. ‘Lolland’ heet het, wat een bijzonder vernunftige titelgrap, zeg. En een beetje, tja, wat dit ook mag zijn. Ergens ziet het er wel interessant uit.
Maar goed dan heeft hij er ook weer zo’n werk tussen zitten. En dat vind ik een mooi werk. Misschien wel alleen omdat ik die druipende vogels mooi met het versteigerende schip vind contrasteren. Het is in ieder geval een werk waar je even naar blijft staan kijken. Hoe die zeilen zich tot elkaar verhouden, bijvoorbeeld. Waarom die rood zijn en de vogels allen blauw. En dan denk je weer, toch blij dat ik hier even naar heb gekeken. Niet dat Korner ineens mijn favoriet kunstenaar is, maar wezenlijk bezien is hij ook niet echt slechter dan de andere.
Dit roept een vraag op. In hoeverre mogen bij een kunstenaar of dichter werken ook mislukken? Moet deze Korner als een ‘beginner’ worden beschouwd omdat hij van alles probeert en daar maar af en toe een geslaagd resultaat uit rolt. Ik vind van niet. Mensen die dat wel vinden zijn op zoek naar een zekere consistentie die mij aan vlinderverzamelingen doet denken en niet aan beeldende (of literaire) kunst.
Vlinderverzamelingen. Het werkterrein van, inderdaad, voornoemde valse perfectionist. Die in een dualiteit wil leven in plaats van de werkelijkheid. Een dualiteit die zich hult in zijn eigen smaak.
