De Helmondse Vloek

Je hebt mensen die hun afkomst verloochenen. Als je in Helmond geboren bent is dat natuurlijk niet zo vreemd, want dan ben je geboren onder de Helmondse Vloek. Ik ben zo iemand. Geboren in Helmond, tijdlang in Mierlo en Eindhoven gewoond en terug gegaan naar Helmond op zoek naar de vloek die op mij rustte. 10 jaar lang heb ik ertegen gevochten. Toen ben ik, bevrijd van ziel, naar Istanboel verhuisd.

Een ander die is geboren onder de Helmondse Vloek is wonderkind Jimmy Rosenberg. Jimmy is een van de beste gitaristen van Nederland. Zeer jong al zeer talentvol:

later een leven vol problemen en tegenslagen te boven gekomen. Hier een film waarin hij speelt nadat hij net uit de knast is vrijgekomen:

Amerikaanse filmcritici

Tuig van de richel, dat is het. Een overhypede film met een totaal uitgekauwd concept als ‘Pan’s labyrinth’ krijgt een 9.6 op Rotten Tomatoes, terwijl een prachtfilm als ‘The Perfume’ het van de heren critici met een 5.6 moet doen.

Gelukkig maar dat onze critici De Leuze, Nietzsche, Rembrandt en Lucebert eerst bellen voor ze hun mening durven geven.

Draw your night sponge, girl

Draw your night sponge, girl

Moralism, drug of fingernails.
All its little addicts love me.

My soul a huge scratch pole,
the idol of tales and fangs.

I end up like rubble
under their hands,

the sliced fame of
someone elses trouble, but

I’m the double hubble
telescope in arms,

aiming to just snuggle
in the foaming stars.

Paar schilderijen

Ergens rond 1998, denk ik, heb ik een jaar of anderhalf geprobeerd schilder te worden. Dat kwam zomaar ineens opzetten vanuit het niets. Ik was ineens volledig geobsedeerd met het idee dat ik schilder ging worden. Ik leefde destijds van een uitkering en die ging volledig op aan schildermaterialen. Ik schilderde vaak ook erg groot, op van die houten platen die ik bij de stort ging halen. Ik had geen atelier dus binnen de kortste keren zat alles in mijn woning van onder tot boven onder de verfspatters. Dit tot gruwel van de woninginspecteur die mij later dwong, op dreiging van uitzetting, die sloopwoning waarin ik woonde te renoveren. Dat waren nog eens tijden. Uiteraard was ik geen geweldig schilder. In zo’n tijdsbestek kunnen alleen zeer getalenteerde mensen iets neerzetten wat echt bijzonder is. Toch vind ik het af en toe schattig te kijken naar de (matig van kwaliteit) foto’s die ik nog van al deze inmiddels verdwenen of vernietigde werken heb gemaakt.

Deniz Kazma

Ik ga met mijn vriendin Deniz Kazma aan een project werken. Deniz is een danseres, kunstenares en designer die in Brussel woont. Hier is haar Myspace pagina met wat foto’s, muziek en onderstaande video te zien:

Baba Zula - Tilki Dansi

Add to My Profile | More Videos

O, en vergeet vooral niet ook even hier te kijken - Ook Deniz, weer met Baba Zula, een van de leukste en origineelste formaties van Turkse origine..

Benders citeert zichzelf weer

‘Poezie is de banaan van de hoop in de gorillarepubliek van de liefde’

M.H.Benders

Cronenberg’s ‘Eastern Promises’

Zojuist David Cronenberg’s ‘Eastern Promises’ gezien. Cronenberg is al jaren een van mijn favoriete regisseurs.
‘Eastern Promises’ is een geweldige film. Ik had eerst mijn bedenkingen bij ‘Eastern Promises’ en ‘The History of Violence’ omdat beide films eigenlijk op een bepaalde manier een kniebuiging van Cronenberg voor de mainstream film laten zien, maar Cronenberg doet het op zo’n overtuigende, ingetogen en meeslepende wijze dat de bezwaren al snel als sneeuw voor de zon oplossen. ‘Eastern Promises’ is een stylistisch meesterwerk dat laat zien dat de duistere Cronenberg in zijn vingers heeft wat Tarantino de laatste jaren, wat mij betreft volslagen succesloos, probeert te bewerkstelligen: films maken die van geweld een religieuze ervaring scheppen. Daar heeft Cronenberg weinig poppenkast voor nodig - het is hem op het lijf geschreven, al sinds zijn vroege werken die echter in obsessieve zin altijd iets puberaals hadden. Dat puberale mis ik enerzijds ook wel - dit is een uiterst volwassen Cronenberg, die geleerd heeft wanneer hij zich in moet houden. Al met al een van de sterkste films van 2007 - en een van de sterkste films uit Cronenberg’s toch al imposante oeuvre.

Geen idee wie dit maakte

…maar mooi is het wel

Afvalligen (3)

De wereld

Woont in bosatlassen,
droogt paddestoelen tussen zijn tanden.
In zijn spataderen dazen fabrieken hun aria’s.
De wereld verdient geen muziek, vind ik.

Had hij een eigen stem dan
klonk hij als een graafmachine,
zat hij als ongenode gast elke avond
aan tafel te bikken van eigen oogst.

Zijn enige vriend, de honger,
- net zo’n arrogant geval -
wacht met biddende pootjes
op onze voortijdige demise.

Vroeger of later zal hij ons
tot snuisterij worden, zoveel hebben we
wel van hem weg. Beide wetend

dat we elkaar gaan overleven
met arken vol ongedierte, schroeven,
stinkzwammen, kabouters en insecten.

Tot enkel manende schimmel
ons zal resten en de hele reutmeteut
elkaar weer bemesten zal.

Afvalligen (2)

Geen ijzersterk gedicht, maar wel komisch:

Mijn leven als Odysseus

Vroeger schreef ik vaak boze brieven
aan de faun van de publieke beharing
om haar duidelijk te maken dat ze
de sleutelgaten trouw moest blijven.

Niet dat ze ooit eens terug schreef,
hoogstens wierp ze onverwacht
een verwilderde blik als ik tijdens
mijn wekelijkse gelegenheidssafari
na gymles, in zwembad of badhok
in oog kwam met het beloofde land.

Ik kan zweren dat in dat donker,
die wildernis mij bekend uit boeken,
het verongelijkte, analfabetische oog
van een cycloop rondwaarde, al dan
niet verslingerd aan een knots.

Ik voelde mij als Odysseus,
een pionier die bevangen zat
in een wereld van sirenes en cyclopen
die telkens om beurten uit
pandora’s doos kropen.

Ik stopte maar met brieven schrijven,
eerlijk gezegd: ik had zelf berouw.
Ik vond het beloofde land elders
boekenplaatjes beter trouw.

M.H.Benders

Umlaut

‘Umlaut’ is de voorlopige werktitel van het kunstproject dat ik ga uitvoeren met Alison Nastasi, een bevriende kunstenares uit Philedelphia. Werk van haar valt een paar postjes hier naar beneden te bewonderen. Ik hou jullie middels dit weblog op de hoogte van de vorderingen.

Afvalligen (1)

Ik ga hier elke dag komende tijd een gedicht posten dat de bundel ‘Karavanserai’ niet heeft weten halen. Vandaag het gedicht: ‘De Mug’:

De mug

Hij is het ongekroonde huisdier onder de insecten.
Nooit laat hij iemand in de steek.
Je hoeft hem niet uit te laten en ‘s nachts voedt
hij zichzelf, zoemt er gezellig bij ook.

Hij krijgt meer schouderklopjes dan de hond.
Wie hem ziet wil hem zo snel mogelijk aaien.

Hij is dol op kranten en lampen.
Hij vingerverft graag Rorschach vlekken

op de muur in de hoop dat wij daar ‘s morgens
een olifant in zullen zien. Het is eigenlijk

ongeloofwaardig dat er zo weinig gedichten
of kerkliederen over hem zijn geschreven.
Men wijt dit aan zijn kinderlijk overdreven
voorliefde tot verstoppertje spelen.

M.H.Benders

Omdat gezonde jongens af en toe hun eigen woorden aanhalen

‘Een dichter moet de crashtestdummie zijn in de Lelijke Eend van de tijd’

M.H.Benders

Jan Svankmajer – tma/svetlo/tma (Darkness/Light/Darkness)

Herwaardering van Muzeale Waarden in de Poezie

Herwaardering van Muzeale Waarden in de Poezie

Vanaf de oudheid tot aan het einde van de 19e eeuw, met uitschieters tot in de zestiger jaren van de 20e eeuw plachtte elke dichter onoperabel te zijn zonder een Muze. In de tweede helft van de 20e eeuw veranderde het literaire klimaat echter en werd het hele idee van de ‘Muze’ lacherig naar de prullenmand verwezen. Het was de tijd waarin de poezie zich naar gangbare socialistische waardes begon te voegen: de poezie moest voor het volk geschreven worden, moest begrijpelijk worden – niet voor een belezen persoon begrijpelijk, nee, voor de man op de straat. En die man op de straat had weinig behoefte aan dichters die iets abstracts als een Muze aanvoerden, aan dichters die een leven leefden dat eigenlijk buiten zijn grip lag. De dichter moets zelf een man van de straat worden. Hij had geen diva’s meer maar was getrouwd, had een saai baantje en was. wellicht op zijn poezie na, al net zo vervelend en klein als de man op de straat zelf. Op deze wijze poogde de literaire wereld, met de verkoopcijfers als eeuwige excuustruus, een soort zelfnivellering toe te passen die uiteindelijk
geleidt heeft tot de complete demystificatie van de poezie en, paradoxaal genoeg, ook juist tot een aardige daling van de verkoopcijfers.

Wat is namelijk het geval? Poezie wordt voornamelijk gelezen door mensen die het mysterie zoeken. Mensen die juist iets willen lezen dat zich niet aan hen aanpast maar boven hen uitstijgt, vervoert, een wereld laten zien die anders is, groter, schrikbarender wellicht of tenminste uitdagend. En of dat op een ‘begrijpelijke’ danwel ‘onbegrijpelijke’ wijze gebeurt is dan van weinig belang – de schijntegenstelling ‘hermetisch – begrijpelijk’, uitgevonden door dezelfde sociaalpoeziewerkers in de zestiger jaren, is een volstrekt vals en onnatuurlijk paradigma dat volledig de plank misslaat. In Nederland is de oorsprong van deze schaduwbokspartij te vinden in het conflict tussen Bertus Aafjes enerzijds en de Vijftigers anderzijds. Aafjes, die van critici doorgaans het ongelijk in de schoenen geschoven kreeg omdat hij als ultraconservatief de waarde van de Vijftigers weigerde erkennen. Dezelfde Aafjes die zich nog onbeschaamd van een Muze bediende en met grote regelmaat gedichten schreef waarin deze wezens opdoken.

Had Aafjes dan achteraf bezien toch gelijk met zijn compromisloze, conservatieve instelling? Nee, uiteraard niet. De man had zelfs volstrekt ongelijk in zijn potsierlijke gevecht tegen nieuwe ontwikkelingen in de poezie. Doordat hij echter zo overduidelijk ongelijk had vond er een soort verkettering van Aafjes plaats in de literaire wereld, een verkettering die tot op de dag van vandaag een beetje doorspeelt. Ik denk namelijk dat juist op dat punt in de Nederlandse literaire geschiedenis het valse paradigma is ontstaan dat al een jaar of vijftig veel literaire discussies weet te verzieken, door de literatuur in twee schijnkampen te verdelen en te doen alsof deze elkaar uitsluiten.

Jhon Balance van de Britse avantgardeformatie Coil zei ooit dat een kunstenaar het leven moet leven dat andere mensen angst aanjaagt. De kunstenaar of dichter moet pogen datgene te verwoorden wat ofwel niemand onder woorden durft te brengen, ofwel niemand onder woorden kan brengen. Dat vereist experimenteerdrift. Een experimenteerdrift die zich vaak niet zal beperken tot een papieren laboratorium (als bijv. bij Eliott) – het grote mankement bij veel ‘experimentelen’ is meen ik juist dat hun experimenteerzucht zich beperkt tot het uiterst afgebakend speelterrein van hun eigen medium. Voor de grote Experimentelen uit het verleden, mensen als Baudelaire bijvoorbeeld, was zoiets ondenkbaar. Toch is dit juist de grote zwakte
van veel recenter werk wat als experimenteel te boek wil staan: het is het resultaat van een sterk afgebakend experiment dat geen deel uitmaakt van een groter geheel, als bijvoorbeeld van de net overleden Stockhausen. Het zijn de Eliotts van de poezie – zeer nauwkeurig tot op de millimeter op papier experimenteren maar het eigen leven buiten schot houden. Die veiligheid, echter, straalt ook door naar het werk zelf. Dat voel je, als lezer.

De functie van een Muze was van oudsher meer dan alleen het inspireren van een dichter. De muze was veel eerder een alchemische component van het gedicht zelf. De muze is de sublimatie en verpersoonlijking van het gesamtkunstwerk dat een dichter met zijn leven poogt te fabriceren – de belichaming van zijn Grote ideaal, of juist de belichaming van wat hem ontbreekt. Wezenlijk en onmisbaar, omdat juist door de sublimatie van de interactie met zijn Muze hij in contact treed, door de kracht van de allesverterende liefde, met datgene wat hem vreemd is: de ander.

Het beslechten van de grenzen tussen het ik en jij is het primaire slagveld van elke dichter. Het is een slagveld dat men tegenwoordig echter slechts schoorvoetend betreedt. Men is tevreden een eigen eilandje te zijn, werkjes te maken die fungeren als eigen kleine versies van een grote, onzichtbare werkelijkheid die onbenoemd blijft. Pogingen tot universaliteit worden ofwel als onmogelijk afgedaan ofwel als pretentieus of overbodig. Het Amour Fou bestaat niet meer, of heeft tenminste een melkertbaantje, een hypotheek en drie krolse katten.

Het is in deze hunkering naar universaliteit waar ik echter echte experimenteerdrift zie. Geen genoegen nemen met grenzen tussen verschillende media is daarbij echter niet genoeg. De dichter of kunstenaar moet zichzelf als testobject nemen, als een crashdummie in de lelijke eend van de tijd. Slechts door zichzelf niet te ontzien maakt de dichter kans de barrieres te slechten tussen hemzelf en de lezer, die feitelijk niets liever wil dan dat deze grenzen beslecht worden. Hij zoekt ernaar. De dichter is, immers, uiteindelijk de Muze van de lezer. Het is dus aan hem om meer te doen dan alleen de lezer wat inspiratie geven. Want voor inspiratie heb je inderdaad niets stoffigs als een Muze nodig. Daarvoor ijken zich de gangbare mediakanalen al afdoende.

M.H.Benders, 09-12-2007

Alison Nastasi

Achtste en laatste Muze van de Wachttoren van Karavanserai: Alison Nastasi. Ik ken Alison vrij kort maar we zijn nu samen een kunstproject aan het opzetten tussen Istanboel en Philadelphia, waar zij woont. Bedoeling is dat we elkaar steeds via handgeschreven brieven instructies posten die we dan ook gaan uitvoeren.

Hieronder wat ouder werk van Alison, ze heeft zelf ook een blog waar dit en meer te zien is.

a1













Klaar

Karavanserai is af.

Move me – by Olga Mink

Olga Mink, een van de Aartsmuzen van de Wachttoren uit mijn opkomende bundel Karavanserai. Ik ken Olga al een jaar of? 18? Jezus, de tijd vliegt. Olga ook:

Pinar

Onvermeld als Muze van de Wachttoren in mijn boek, maar hier poserend met mijn hoed. Fotografie door mijzelve.

Pinar Korun

Pinar Korun 2

The wrong turn

##################################

Jump!

^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^

Duck!

!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!

I don’t know about this one.
It seems complicated. Roll?

???????????????????????????????????

Kiss.

M.H.Benders, 03-12-2007

***

Seawater
begs the pearl to break its shell.

And the lily, how passionately
it needs some wild darling!

At night, I open the window and ask
the moon to come and press its
face against mine.

Breathe into me.

Close the language-door and
open the love window.
The moon
won’t use the door, only the window.

Jalal al-Din Rumi

***

Though your face is beautiful, the
cage of your soul is of wood; run away
from me or you will burn, for my
tongue is a flame

Jalal al-Din Rumi

***

I swear, since seeing Your face,
the whole world is fraud and fantasy
The garden is bewildered as to what is leaf
or blossom. The distracted birds
can’t distinguish the birdseed from the snare.
A house of love with no limits,
a presence more beautiful than venus or the moon,
a beauty whose image fills the mirror of the heart.

Mevlana- The Divani Shamsi Tabriz XV