Ik begrijp niets van die voorleescultuur
Ik ben nog steeds ziek. Morgen komt een vriendin die ik al een 15 jaar niet gezien heb naar Istanbul en ik moet haar ophalen van het vliegveld wat zo’n 5 uur reizen vanaf het eiland is – gelukkig wel grotendeels zittend en theedrinkend op het schip.
Waarschijnlijk ga ik binnenkort verhuizen. Ik heb nu bijna 4 jaar op het eiland gewoond, maar we gaan nu waarschijnlijk een huis kopen in Kuzguncuk, een pittoreske wijk langs de Bosperus. Erg centraal dus, wat voor de verandering wel eens leuk is. Ik zal het eiland wel missen maar we kunnen uiteraard mochten we ooit willen het huis daar weer verkopen en dan weer op het eiland gaan zitten.
Wat ik vandaag dacht: als poezieliefhebber schraag je je gevaarlijk dicht aan tegen mensen die het Nationaal Dictee leuk vinden. Vandaar natuurlijk ook dat al deze kommaneukers zo’n grote waarde hechten aan ‘gevaarlijke poezie’ – je ziet daar zo’n op het pootje van zijn bril zuigende miskleun bij voor wie een verkeerd geplaatse apostrofe een waar adrenalinekanon is.
Nee, dat voorlezen is een volstrekt freudiaans verschijnsel, niet te onderscheiden van zijn deelgenoot voorkauwen. Ook bij deze laatste activiteit is de grote algemene deler een gebrek aan eigen tanden. Hoe ouder ik word hoe meer ik in begin te zin dat die hele voorleescultuur een samenzwering is: mensen die voorgelezen willen worden, dat zijn geen lezers, net als voorgekauwd voedsel de echte eter tegen de borst zou stoten. Ik begrijp helemaal niets van die voorleescultuur, net zoals ik niets begrijp van mensen die voor hun lol gaan zitten vergaderen.