Archive for April, 2009
Brabant
BRABANT
Wij bladeren 100 km per uur
door de brochure van een reisbureau.
Het landschap teruggebracht
ter verstrooiing van de toerist.
Er wordt niets gemist indien
men zich aan de voorgeschreven
reisduur en route houdt.
Links de watermolen, zo niet
door Vincent aan zijn staan onttrokken.
Zie ook de opbollende rokken
van een Canadese Populier.
Zo typerend voor deze streek.
En wat zich al jaren
staande houdt. Niet wijkt of valt
richting sloop en impotente akkers,
de boerderijen herbouwd geheel
in de smaak van hoe wij verlangen
naar een nog te beginnen verleden.
Gelukkig, onvervalst
- poëzie dient hier vermeden –
de rivier van asfalt.
Auto’s voegen vrolijk in
als adjectieven in een zin.
Eddie Besselsen (1956) : ‘BRABANT’;
uit : ‘Het tafeltje van Emily’.
Hoenderbossche Verzen, Uden 1995
Olson en typemachines
‘Polis is this: Charles Olson and the persistence of place’, de nieuwe documentaire over Olson (1910-1970), is nu te bekijken op internet. Een ‘groot’ dichter: een reus van een man, en zijn Maximus poems is een boek van 650 paginas in bijna A4 formaat. Ook was hij als centraal figuur van de groep Black Mountain poets en grondlegger van de stroming Projectivisme zeer invloedrijk voor (Amerikaanse) poezie. Het moet een imponerend figuur zijn geweest; hier een mooi vraaggesprek met hem in de Paris Review waarin hij om de vijf vragen – met een houding die laveert tussen direct, grof, en onbeschoft – opmerkt dat hij de vragen maar niets vindt.
Olson was ondere andere belangrijk voor de manier waarop hij de vorm van het gedicht ‘opengooide’ door Robert Creeley’s dictum ‘vorm is niet meer dan een verlenging van inhoud’ zo letterlijk mogelijk te interpreteren (zie zijn ‘manifest’ het essay ‘Projective verse 1950‘). (Had Creeley dat afgekeken van Adorno die schreef dat vorm gesedimenteerde inhoud is?). Hoe dan ook, in tegenstelling tot traditionele vormen die noodzakelijk een directe verbinding hebben met de inhoud van een gedicht, was vorm voor Olson intiem verwoven met inhoud. Hij was een van de eerste dichters die deze twee elementen zo radicaal immanent met elkaar verbond (ontstaat er trouwens een wezenlijk verschil als de termen worden omgedraaid tot ‘inhoud is een verlenging van vorm’?).
Olson was een pionier in het gebruik van de typemachine voor het creëren van zijn‚ ‘pagina als open veld’ compositie stijl. (Alhoewel de samensteller van de kritische editie van de ‘Maximus poems’ in het nawoord schrijft dat Olson, voor zich tot een typemachine te wenden, gedichten vaak gewoon eerst met de hand schreef..).
Truman Capote vond het gebruik van de typemachine maar niks. ‘Dat is niet schrijven, dat is typen.’ zei hij over Kerouac’s On the Road. Maar Darren Wershler-Henry schreef er een boek over, The Iron Whim: A Fragmented History of the Typewriter, ‘waarin hij betoogt dat het niet alleen bepaalt hoe we schrijven, maar ook wat we schrijven, wie er schrijft, en hoe we over schrijven denken.’ Heb zelf een paar vrienden die groot aanhangers zijn van de typemachine. Ik houd van de nostalgie, maar doe het liever niet meer zonder knippen en plakken.
Benders Platen top 5 – Maart 2009 / appartement in istanbul te huur
Ik lig een beetje achter omdat ik van het eiland naar de stad ga verhuizen deze maand, waardoor ik uiteraard minder tijd heb om hier te posten. Als er iemand een prachtig appartement met een super uitzicht op de prinsesseneilanden wil huren, laat het even weten mijn huisbaas zit met de handen in zijn haar – de huur is ongeveer 350 euro per maand, geen geld voor zo’n mooi appartement. En zeg nou zelf, wie wil er niet dit uitzicht:

Geinteresseerden even mailtje naar m.benders@gmail.com, ik kan meer foto’s sturen.
Op naar de platen. Allereerst natuurlijk de fantastische verzamelbox van the Pogues vol met onuitgegeven tracks:

Onmisbaar voor wie dan ook van rauwe, echte, dionysische muziek houdt. Helemaal onmisbaar als je ook nog eens van ierse folk houdt, en zowiso alleen als de moeite van het kopen waard voor het prachtige nummer ‘The Travelling People’ welke zeker tot de mooiste vertolkingen van dat nummer ooit behoren. The Pogues waren, net als bijvoorbeeld Laibach, typische voorbeelden van de retro-avantgarde die in de jaren 80 de kop opstak. Zo dynamisch en dionysisch heeft de traditionele muziek nooit weten klinken.
Op naar een ouwetje: Bruised Oranges van John Prine:

Prine is al sinds de 60′er jaren een van de scherpste, cynische en getalenteerde songwriters binnen het country genre. Deze plaat is onmisbaar voor eenieder die van scherpe, cynische levensliederen houdt. Nummers als ‘There she goes’, ‘Sabu visits the twin cities alone’ en ‘Hobo song’ zijn absolute klassiekers in het genre. Prine, die van indiaanse komaf is, wordt stemsgewijs wel eens met Dylan vergeleken maar hij draait net zo lang mee als Dylan dus van imitatie is geen sprake.
Ook dit is een onmisbare plaat:

De suicidal tendencies met de gelijknamige debuutplaat uit 1983. Een van de pioniers van de sound die later ‘hardcore’ is gaan heten met luitjes in houthakkershemden en bandadas. Deze plaat is heerlijk opgefokt en veel beter dan hun latere platen die allemaal saai zijn vergeleken bij deze. Er staat geen slecht nummer op. En zeg nou zelf, het is toch heerlijk om:
I shot Reagan, I shot Sadat
I’m gonna shot you dead in heaven you’ll rot
You’re gonna rot in heaven, hear an angel’s voice
You’re too bad for hell, although it’s you first choice
Rot in heaven, cause you’re fogiven in hell
Rot in heaven, you’re too bad for hell
I shot Lennon, I shot the Pope
I shot the devil, now you ain’t got no hope
You’re too bad for hell although it’s your first choice
You’re gonna rot in heaven, hear an angel’s voice
Lekker mee te brullen. Op naar de volgende plaat:

Hehe, Benders, eindelijk iets recents. De band heet ‘Casiotone for the Painfully Alone’ en de plaat heet Advance Base Battery Life (2009) – net uit dus. En het is een geweldige plaat! De hele plaat klinkt alsof hij thuis is opgenomen, maar de nummers zijn enorm catchy en lekker tegendraads. De man achter de band, Owen Ashworth uit Chicago, haalt op een hele originele manier allerlei liedjes door de mangel, zoals Bruce Springsteen’s ‘Born in the USA’. Dit is zeker een van de beste platen die ik het afgelopen jaar hoorde en een must have voor liefhebbers van electronische muziek.
Die liefhebbers hebben deze plaat waarschijnlijk al:

De uit 1997 stammende plaat ‘Saturday Teenage Kick’ met de nogal lelijke hoes ligt echter prima in het gehoor – een plaat vol heerlijk dansbare muziek, niet pretentieus, niet bijzonder vernieuwend maar wel lekker om af en toe tussendoor te draaien. Tom Holkenborg, de man achter Junkie XL, is een Nederlander dus kwaliteit van eigen bodem, hoewel hij al heel lang in de States woont inmiddels..
PART2ISM
Dit werk van de Londonse graffitikunstenaar PART2ISM vind ik mooi:

Meer te zien op zijn Myspace.com site
Het is mij trouwens een raadsel waarom mensen Myspace gebruiken, wat een baggeropmaak.
Minstens net zo mooi is deze ready-made uit de natuur zelf:

