Korte analyse van het Buddingh’ prijs fenomeen
Jaren geleden schijnt er iemand in huilen te zijn uitgebarsten toen op Poetry bekend werd gemaakt dat de Buddingh’ prijs naar een ander ging. Sindsdien belt de organisatie mensen een paar dagen vantevoren op, omdat koste wat kost verkomen moet worden dat er tijdens de uitreiking echte emoties in het spel komen.
Het schijnt dat bepaalde mensen denken dat onze performance tijdens de Buddingh’ uitreiking een ‘protestperformance’ was. Ik had de performance echter allang klaar liggen ver voor ik wist of ik de Buddingh’ gewonnen had of niet, dus van een protest wegens het niet winnen van die prijs was geen sprake – als ik gewonnen zou hebben had ik dezelfde performance gedaan. Om die reden vond ik het ook wel jammer dat ik niet won – het ontkrachtte de performance een beetje, omdat het teveel op een protest ging lijken nu. En uiteraard was het ook een vorm van protest, maar niet een protest tegen de prijs als zodanig.
Toen ik arriveerde op poetry was ik behoorlijk uitgeteld van een nacht doorzakken in Amsterdam. Een aardige vrouw uit de organisatie bracht me naar het hotel en liet me onderweg weten dat ze vond dat ‘mijn bundel met kop en schouders boven de andere uitstak’ en dat het raar was dat ik niet had gewonnen. Dat deed me terugdenken aan het telefoontje wat ik een paar dagen daarvoor kreeg:
“Of ik wilde weten of ik de Buddingh’ gewonnen had of niet?”
“Ja, zegt u het maar.”
Twee secondes dramatische stilte.
“Nee, je bent het helaas niet geworden.”
“Oh, okee dan.”
“Maar je bent wel genomineerd hoor dat is toch ook heel wat”
Vooral zo’n dramatische stilte is interessant. Ik had sterk de indruk dat ze op die stilte getraind hebben. Zou er een festivalpsycholoog bestaan die dit soort processen begeleidt? Het therapeutische gehalte van dit telefoontje sprak boekdelen. U zult getroost worden, of u het nu wilt of niet.
‘Laconieke Benders’ viel er te lezen in het NRC de dag na de uitreiking. Geen woord over de performance zelf, enkel informatie ontleend aan de getoonde filmpjes. De conclusie dat er geen journalist van het NRC aanwezig was ligt dan voor de hand. Ik ben dus laconiek omdat hij afwezig is, en in een bespreking van de vier bundels laat Arie van den Berg in dezelfde krant weten mijn ‘belezenheid’ in twijfel te trekken omdat ik Michaux in het Engels geciteerd heb:
Martijn Benders is met Karavaanserai de taalduivel van het uitverkoren kwartet. Zijn taalgebruik en beeldspraak zijn doorgaans trefzeker, maar zo overdadig dat je als lezer een filter zou wensen. Een enkele maal lijkt het alsof de dichter zichzelf en de lezer wil overtroeven, zoals in de openingsregels van het titelgedicht: ‘Zij zonnebaadt op enorme röntgenfoto’s, / de karavaan van onze democratie.’ Maar tegenover zulke sporadische fietspomptaal staan beeldrijke, overtuigende beschrijvingen van de oosterse wereld, die Benders als bewoner van Istanbul van binnenuit beziet.
Het hoogtepunt van de bundel vind ik de cyclus ‘Stigma’, waarin de cijfers 1 tot en met 12 op grond van hun vorm of vanuit wiskundig, kabbalistisch of politiek gezichtspunt in beeld worden gebracht. Ook elders bulkt de bundel van belezenheid – al is het vreemd om in zo’n geleerde omgeving de Franse schrijver Henri Michaux in het Engels geciteerd te zien.
Wat een hoogst eigenaardig stukje. Dat van den Berg als zovele anderen de titel van mijn bundel niet juist kan spellen is 1 ding (ik heb zelfs sommigen uit moeten leggen dat het wel degelijk een Nederlands woord is) – zoiets verbaast je weinig meer in een tijd waarin Pfeijffer grandioze manifesten die beginnen met een enorme taalfout in de Trouw laat plaatsen – nee, eigenaardiger is het idee dat deze ‘bundel van de belezenheid bulkt’ (sic) – waarom? Het is een idee waar ik al vaker tegenaan ben gelopen. Ik zou ‘belezenheid’ hebben willen suggereren door wat buitenlandse dichters in het laatste deel van mijn bundel aan te halen. Hoe in-en-in triest is dat idee op zichzelf al: citeer een paar dichters uit het buitenland en je bent belezen. Maar nog frappanter: het is tot nu toe schijnbaar niemand opgevallen dat ik er juist totaal een potje van maak in dat vierde deel van Karavanserai. Hoe kun je in vredesnaam beargumenteren dat iemand die Mark Strand met Max Romeo vermengt dat doet omdat hij ‘belezen wil overkomen’?
Van den Berg eindigt zijn stukje met een stukje typisch journalistenvenijn: ik zou minder ‘belezen’ zijn dan ik me voordoe omdat ik Michaux in het Engels heb geciteerd. Mogen we even capituleren: ik pretendeer dus Franse boeken te lezen door ze juist niet in het Frans te citeren. Ik ben laconiek, omdat de journalist niet aanwezig was en ik ben niet belezen omdat ik niet pretendeer Frans te kunnen lezen.
Uiteraard verbaast mij dit alles niets – ik had allang de indruk dat 95% van het echelon dat in de Nederlandse literatuur de scepter zwaait uit pabogangers en uitzendkrachten bestaat. De belangrijke vraag is: moeten wij daar iets aan doen, en wat kun je daaraan eigenlijk doen?
Ik heb met de wat intelligentere mensen binnen de literatuur daar regelmatig discussies over. Opvalt is dat iedereen basaal dezelfde mening heeft: ja, het is echt huilen met de pet op als het gaat om het niveau van de krantenkritiek of de verdeling van de macht in literair nederland. De hele santekraam wordt door een middelmatige, uitgerangeerde fopelite aangestuurd.
Maar ja, wat doe je daaraan? Ik heb daar wel goed over na zitten denken en geconcludeerd dat zo’n performance de beste oplossing is. Weigeren aan prijzen mee te doen is slap en onorigineel. Meedoen in het opgedwongen format van de prijs zelf is zinloos. Ergo: je kunt propaganda alleen met propaganda bestrijden.
Commercie die voortdurend de autonomie inlijft kun je alleen bestrijden door zelf commercieler te worden en nog veel harder de autonomie in te lijven.. Om die reden open ik binnenkort een webwinkel waar u ‘Lezen is Lezen’ producten kunt kopen en de film ‘The best of the buddingh’ 2009′ nog eens kunt bekijken. Op naar de volgende prijs. Omdat ik het waard ben.

Ik was niet bij de uitreiking. Kun je in het kort vertellen wat die performance inhield?
De performance zal binnenkort te zien zijn op de speciaal voor dit doeleinde opgerichte website:
http://www.lezenislezen.nl/
Ook zult u hier merchandise, t-shirts en ringtones kunnen bestellen waarmee u onze partij steunt in de strijd tegen de populistisch-eiltaire fopliteratuur.