Archive for June, 2009

Edel in Brabant

Edel in Brabant

Weer keer ik weer van boven de Moerdijk.
De reis was kort maar duurde lang
want hoe dan ook: ‘uw afzijn valt te bang’
voor wie als ik alleen maar hoor en kijk
in functie van jouw tegenwoordigheid.
Ik zie niet meer hoe mooi de dingen zijn
als jij ontbreekt om dingen te beweren
die ik herhaaldelijk moet corrigeren -
Zo lang ik op aarde ben en niet eronder,
zo lang zal dat gedonder duren dat ik
zeggen moet, na elke evidente fout:
zeg nog eens hoe veel je van me houdt.

Martien J.G. de Jong

Uit: ‘L’ Liber Amicorum t.g.v. de vijftigste
verjaardag van Dichter/Uitgever
Maarten van den Elzen
Hoenderbossche Verzen, Uden 2004

De Puinhopen van 40 jaar NOS

Wat allereerst opviel aan het lijsttrekkersdebat gisteravond is dat het debat zelf een enorme puinhoop was. Dat roept natuurlijk de vraag op of de NOS, die immers veel ervaring met het organiseren van dergelijke debatten heeft, doelbewust een rommelig debat wou. Een andere verklaring voor het organiseren van een debat midden in een enorme ruimte met een paar honderd luidruchtige toeschouwers eromheen kan ik zo snel niet vinden. Het lijkt in eerste instantie wellicht een vergezocht idee, maar vergeet niet dat dit dezelfde NOS is die kunstmatig het applaus voor Beatrix aanlengt en dus aan journalistieke integriteit een broertje dood heeft.

Maar wat voor belang kan de NOS hebben bij een rommelig debat? Dat is een interessante vraag. Men probeert nu al god weet hoe lang het beeld op te roepen dat het in Den Haag een enorme puinhoop is.
Gisteravond werd dat beeld weer eens stevig bevestigd: het is een puinhoop vol mensen die elkaar niet uit laten praten. Tegelijkertijd zie je dat een long-time insider uit Den Haag de heiland weet uit te hangen: als een triomfantelijke gorilla zat Geert tussen de kakofonisch verongelijkten.

Ferry Mingele deed zo goed als niets en zat het allemaal lachend aan te kijken. Een bevestiging van het idee dat de gevestigde media er op een of andere manier belang bij hebben dat het er allemaal als een puinhoop uitziet. Maar wat kan precies de oorzaak van die agenda zijn: het is immers moeilijk denkbaar dat de NOS belang heeft bij een sterke Wilders. Om te begrijpen wat de NOS in deze motiveert dienen we denk ik een ander succesnummer van de NOS te analyseren: de Nederlandse bijdrages aan het songfestival.

Je hoeft niet al te intelligent te zijn om in te zien dat de NOS deze inzendingen doelbewust saboteert. Het is immers van een hemeltergende idiotie om een persoon die verantwoordelijk is voor de Nederlandse bijdrage 15 jaar lang op zijn plek te laten zitten, terwijl hij overduidelijk noch van Europa noch van Muziek enige kaas gegeten heeft. Ook hier zien we dus dat de NOS er belang bij lijkt te hebben dat wij op het Songfestival zo slecht mogelijk scoren. De NOS wil ook op muzikaal vlak puinhopen zien. Waarom?

Het antwoord is tergend simpel: omdat dat beter scoort bij de kijkers. De Nederlander is een wezen dat zijn dagelijkse adrenalinevoorraadje vooral uit het verongelijkt zijn weet te putten. De NOS is de staatsmachine die het volk zijn dagelijkse opium verstrekt: wij zijn verongelijkt, wij zijn zielig, in Den Haag is het een puinhoop, in Europa is het een puinhoop, gelukkig kunnen wij nog televisiekijken want de enge buitenwereld is allemaal tegen ons.

Het belang van de NOS is een didactisch belang: zij willen de rol van opvoeder en zingever spelen. Om die rol te kunnen spelen moet aan anderen die rol kunnen worden ontzegd; wanneer de wereld om ons heen een puinhoop lijkt wordt de behoefte aan een zingevende instantie immers steeds groter. Iemand die ons handje wil komen vasthouden. Iemand die ons, in al onze verongelijktheid, begrijpt. Het is dus duidelijk in het belang van de NOS om de wereld zo chaotisch en vijandig mogelijk af te spiegelen: blije mensen zitten niet voor een treurbuis, maar gaan naar buiten, gaan bij elkaar op bezoek, gaan spelletjes spelen, gaan een eigen leven leiden. Blije mensen zijn veel moeilijker te controleren.

Die nationale behoefte aan verongelijktheid zie je ook in die propagandistische keuze het applaus aan Beatrix kunstmatig te verlengen. In een serieus bestel zouden na de ontdekking van zo’n feit koppen rollen. Maar Hilversum en Den Haag fungeren al sinds mensenheugenis als twee handen op een buik: men doet net of het de normaalste zaak van de wereld is dat een journalistieke organisatie op goedkope wijze emoties manipuleert.

Dat het in de wereld wellicht ook echt een puinhoop is doet hier niet ter zake: zelfs al was dat het geval dan zou het de taak van de NOS eerst en voor alles zijn deze puinhopen correct te benoemen. Maar wat je in de praktijk vooral ziet is dat er kunstmatig schijnpuinhopen gecreëerd worden om de echte puinhopen te verbergen. De puinhoop van slechte journalistiek bijvoorbeeld, of de puinhoop van een ‘democratie’ die aangestuurd wordt door informatie van een geheime dienst. Daar hoor je nooit iemand over. Dat is de normaalste zaak van de wereld.

De echte origine van de Poetry Slam

Op de Contrabas viel gisteren te lezen dat iemand die zich ‘Vader van de Slam’ laat noemen, ene Marc Kelly Smith, een Amerikaan, een oproep plaatst voor meer engagement.

Hij schrijft onder andere: “At the beginning, this was really a grass-roots thing about people who were writing poetry for years and years and years and had no audience,”

Een hele vervelende zin, natuurlijk, omdat die al van een compleet commercieel publieksidee uitgaat. Je publiek, dat zijn niet je voorgangers, je rolmodellen, niet de lucht of de bomen, niet de heilige geest zelf: nee, je publiek is afwezig. Publiek, dat heb je niet. En dat is dan het toonbeeld van engagement. Iemand die zich zo verbonden voelt met het corpus poetica dat hij – puur uit betrokkenheid – geen publiek heeft. Iemand die niet schrijft om gehoord te worden door de machtige geestelijke bergketen door de eeuwen heen, maar die schrijft voor wat halfzatte flapdrollen in een rokerige bar. Engagement, dames en heren.

Helemaal fraai wordt het als deze geëngageerde kletsmajoor, die liefst een volle pagina in de NY Times krijgt, Tom Waits als de grote inspiratiebron van de poetry slam benoemt. Ja, hij noemt hem als persoonlijke inspiratiebron, dat klopt, maar als je je de ‘Vader van de Poetry Slam’ laat noemen impliceert dat dat Waits feitelijk aan de basis staat.

Laat er geen twijfel over bestaan: de werkelijke geestelijke vader van de Poetry Slam is niet Tom Waits, en ook niet de Hiphop muziek en ook niet de Jazz. De Slam is een traditie die 100% gebaseerd is op de traditie van de Opera.

Het is een eeuwenoude traditie: twee baritons bevechten elkaar op het podium, meestal voor de gunst van een jonge deerne.

Wanneer men zijn blikveld tot vorige eeuw beperkt is de belangrijkste invloed op de Poetry Slam de mexicaanse spaghettifilm geweest.

Ik bied u het volgende fragment als bewijs aan. Wanneer u niet van mening bent dat dit slammen op een onwerelds hoog niveau is heb ik u verder weinig meer te vertellen. Wanneer u het wel met mij eens bent zult u ook toe moeten geven dat de huidige ‘slam’ niet alleen een travestie is van mensen die te ontmannelijkt zijn om te zingen, maar dat dat ook nooit anders is geweest. Hier zijn Jorge Negrete en Luis Aguilar. Zo moet poetry slam beoefend worden, en anders hup het veld ruimen.