Kobbeduinen
Kobbeduinen
Men noemt dat een natuurgebied. Overal
slingeren resten van de gevolgen der procreatie rond.
Krabbetjes uit zee gejat. Braaksel, slecht verteerde graat
van vissen. Slordige nesten, gebroken eierschalen,
alles volgescheten. Een vergadering krijsende meeuwen
die over het lot van een jonge soortgenoot beslissen.
De jonge soortgenoot terzijde, voorbeeldig uitgestoten.
Nog even en er resten botjes, veren.
Wormen vreten zich een weg door het zand
en laten zich gebeeldhouwd in eigen vorm achter.
Zichzelf, maar dan zachter.
F. Starik
Uit: “L” Liber Amicorum t.g.v. de 50ste verjaardag
van Maarten van den Elzen.
Uitgeverij Hoenderbossche Verzen, Uden 2004.
Commentaar