Rangorde in de hedendaagse literatuur
De schlemiel als schrijver kennen we van Pefko, Dautzenberg en Worthy, de schlemiel als recensent van Tim Donker – nog nooit heeft iemand me weten uitleggen waarom deze kinderachtige figuur een podium kreeg:
Lees een typische Donker recensie
Het is zo goed als onleesbaar, het is flauw, het is warrig geschreven. En het staat inmiddels al een jaar of zes op dat podium te oreren, zonder enig doel of weerslag. Toen ik Ricco van Nierop vroeg waarom deze mijnheer in hemelsnaam een podium kreeg bleef een antwoord uit. Vast dezelfde reden waarom destijd Edwin Fagel plotsklaps ‘hoofdredacteur’ van de Recensent was geworden zonder enig overleg met de medewerkers – een reden destijds voor mij om ermee te stoppen, temeer omdat Fagel zich onmiddelijk met de inhoud van mijn recensies begon te bemoeien.
Men ziet liever Tim Donker. Want dat is Lachu! Koetje Boe!
Vandaag schreef ik op de site van het NRC:
Het daadwerkelijke issue hier is niet het idee dat ‘een schrijver niet over pedofilie mag schrijven’ het daadwerkelijke issue is dat het tiepetje ‘Louis Nanet’ een verschrikkelijk kinderachtig tiepetje is waar zelfs Andre van Duin zich niet aan zou bezondigen. Dat men dit tegenwoordig als ‘literatuur’ probeert verkopen is al erg genoeg, maar dat ook nog een kudde in de kielzog van zo’n onverhaal komt kwaken dat ‘schrijvers overal over mogen schrijven’ is al helemaal de bedorven slagroom op het toetje. Het is helemaal niet primair de taak van een schrijver ‘overal over te schrijven’ maar om goed te schrijven, als hij ‘overal over wil schrijven’ verkast hij maar richting Libelle, Margriet, of, tegenwoordig, ook het NRC.
Ik vind dat nog wel het hinderlijkste aspect van het post-postmodernisme: dat te pas en te onpas een zootje ongeregeld komt melden dat je ‘het recht hebt rommel te schrijven’ omdat er ‘ofwel geen regels bestaan’ ofwel ‘omdat er vrijheid van meningsuiting is en schrijvers dat hebben’.
Uiteraard mag een schrijver over pedofilie schrijven – zie Nabokov die dit met verve deed, of Pilinszky die er ook gedichten over schreef. Een groot schrijver kan over alles goed schrijven.
Betekent dat dat een tiepetje met een fluitketel op zijn hoofd dat ‘Pedo! Huhuhuhu Pedooooo!’ staat te roepen plotseling ‘literatuur’ moet heten? Uiteraard niet. En wie in het kielzog van zo’n aartsflauwe zak over de ‘vrijheid van meningsuiting’ gaat staan oreren is al helemaal niet goed wijs.
Naar verwachting zal Pefko de Pfeijfferiaanse truuk toepassen: Jongens, het was allemaal maar satire. Lachu! Ja, maar wel hele slechte satire. Maar dat maakt niet uit toch? Er zijn toch geen regeltjes meer?
Jawel, er zijn wel regeltjes. Misschien kan Arnoud van Adrichem ook even meelezen, dan steekt die ook nog eens iets op:
1. Een schrijver dient goed te schrijven
2. Tiepetjes neerzetten mag, maar dan moet het een goed neergezet intelligent tiepetje zijn
3. Provoceren prima, maar dan moet het een intelligente provocatie zijn. Voor een massa randdebielen die te pas en te onpas ‘vrijheid van meningsuiting’ schreeuwen een domme pedo neerzetten is geen provocatie maar precies het tegenovergestelde: het is een smeekbede om canonisatie door die massa. Neem mij alsjeblieft op. Want ik durf dit allemaal zomaar te schrijven en ik moet in bescherming worden genomen tegen de boze kritiek – dezelfde truuk die Zwagerman en Barnard in het islamdebat uit hun mouw trokken.
Het gaat hier om een specifiek mechanisme dat verwant is aan de tweedeling entertainment-literatuur.
Iets is primair ‘entertainment’ als het appelleert aan de behoefte van een kijker of lezer om zich superieur te kunnen voelen. Men kijkt of leest omdat men iets onder zich wil wanen. Men wil debielen zien, schlemielen, idioten, achterlijke types. Men wil zichzelf bevredigen.
Iets is primair ‘literatuur’ als het appelleert aan de behoefte van een mens kennis te willen nemen van het hogere. Men leest omdat men weet dat de geest van het geschrevene iets is waarvan men iets op kan steken, de schrijver is iemand die men hoger dient aan te slaan dan zichzelf.
Waarom is het zo dat je steeds vaker ziet dat schrijvers danwel schlemielen als tiepetje spelen danwel zelf een authentieke schlemiel zijn? Omdat lezers primair de zelfverheffing compleet vreemd is geworden. Ze kennen die niet eens. Ze hebben geen flauw benul dat je middels literatuur met iets in contact kunt komen van een hogere orde – het zijn egalisten die het entertainment en bijbehorende wreed-banale geestinstelling met de paplepel ingegoten hebben gekregen.
Mijn positie is in het veld geloof ik nooit zo begrepen. Ik heb altijd consequent betoogd dat ik de ‘oude elite’ beter vond dan de nieuwe. Ik zie liever Gerrit Komrij dan Chretien Breukers. Ik zie liever Sybren Pollet dan Arnoud van Adrichem. Dit omdat naar mijn idee juist bij die nieuwe generaties het idee ‘rangorde’ en het idee ‘perspectief’ compleet afwezig zijn. Om die reden kan zo’n van Adrichem, die in realiteit net om de hoek is komen kijken, zich volstrekt laatdunkend opstellen tegenover een man met bijna 40 jaar schrijfervaring en een groot oeuvre op zijn naam: het is een vergiftigde ziel, die het entertainment met de paplepel binnen heeft gekregen. Het verbaasde me dan ook geen moment te horen dat Parmentier vooral aandacht besteed aan decadente dichters die ‘toevallig’ ook in de laatste hollywood-artflick hip waren. Ik moet die generatie helemaal niet, het zijn aartslobbyisten, die het niet eens meer nodig vinden daadwerkelijk een boek te schrijven om de grote literator te kunnen uithangen. Het zijn lapzwansen, uitvreters. Die totaal elk gevoel voor rangorde kwijt zijn – en dat gemis liefst ook nog jou in de schoenen zouden schuiven.
En dan? Dan staat Joost Baars op Ooteoote.nl een jaar later jouw woorden te herhalen, alsof hij ze zelf verzonnen heeft. Want zo zijn ze dan ook wel weer, die wierokertjes.
Ze bestaan om de bestaande orde te vervangen. Was Joost een jaar geleden nog enthousiast PVDA aanhanger, inmiddels heeft hij mijn standpunten goed genoeg begrepen om net te doen alsof hij ze zelf verzonnen heeft. Gelukkig heeft hij meer verstand van een oeuvre schrijven. Ja, dat was een NOT joke.
Goed dat je de zweep weer even laat knallen! Ik weet niet of het helpt maar het is in ieder geval goed dat tussen dat koor van dwepers 1 iemand niet mee dweept. Ik ga er vanuit dat die lui zelf ook wel door hebben dat het niet deugt wat ze doen. Liever zouden ze goeie boeken schrijven-maar ze missen de inzet en gaan voor het snelle makkelijk succes,en kijken straks terug op een volstrekt verprutst oevre vol flauwigheid en goedkope nep ‘vernieuwing’. Lijkt me geen fijn idee dat je jaren van je leven hebt gegeven aan het behagen van wat verveelde vriendjes.
Die ‘nieuwe generatie’ is stomvervelend – ze zijn totaal opgegroeid met censuur, en zijn zo gehersenspoeld dat ze met alle gemak jou als dichter kunnen aanbidden en tegelijkertijd je postjes steeds wissen. Hoe geflipt ben je dan precies?
Het is het type ‘universalist’ dat steeds enger en enger wordt. Waar bijvoorbeeld Komrij een authentieke, ouderwetse universalist is – ik heb die man nog nooit iemand buiten zien sluiten – is die nieuwe generatie alleen nog ‘universalist’ als een soort schijnvertoning, net als de democratie een schijnvertoning is geworden. Men pretendeert slechts universalist te zijn, maar men doet voortdurend aan uitsluiting – neem alleen al die van Adrichem: mij de ‘Dion Graus van de Nederlandse Poezie’ noemen en tegelijkertijd even laten weten dat je nooit iets van me gelezen hebt, en dat terwijl je nota bene de selecteur uithangt qua poezie en mijn bundels al jaren tot de best besprokene behoren. Dat is toch niets dan de avantgarde versie van de schlemiel, zo iemand?
Wat dat soort schlemielen nou precies aantrekt in de ‘kunst’ is me niet duidelijk,rijk wordt je er niet van,de status van een schrijver in Nederland is ook al niet veel soeps. Wanneer je het dan toch doet doe het dan op een open manier sluit niemand uit laat alles toe,-de enige concessie die je nooit moet doen is die aan kwaliteit-omdat iets goeds maken de enige reden moet zijn om iets te maken. Vooral dat uitsluiten van iemand die zich,zoals jij,bewezen heeft-uit opportunisme-omdat ie niet bij je club hoort-wat een laag bij de grondse nikserige kleinzielige reden om iemand uit te sluiten. Hopen dat Komrij nog een tijdje blijft door schrijven,loopt ook al weer naar de 70-want dat wat zich nu schrijver noemt-is een aanfluiting voor de literatuur.
(Ik heb zelf jaren geleden enige aanvechting gehad om wat in de literatuur te doen,maar ik zag al snel dat het Nederlandse taalgebied en de Nederlandse cultuur veel te benepen zijn om iets van waarde te maken-architectuur kun je gelukkig overal doen,nooit spijt van gehad,.Ik zie me al jaren werken aan een bundeltje voor hoogstens duizend lezers,en een opbrengst van een paar duizend euri-en daarna naar het letterenfonds voor subsidie,en likken en stroopsmeren en congies sluiten etc.bah)
Goede keuze. Die wereld is ook essentieel veel creatiever dan dat gesubsidieerde wereldje, waar concurrentie niet bestaat – niemand hoeft zich te bewijzen, het is een kwestie van je inlikken en de rest van je leven vangen. Dat spelletje is hopelijk nu zo’n beetje afgelopen, want die subsidiestroom zal er denk ik wel aan moeten geloven, binnenkort. Ik zit zelf ook in de creatieve sector en bevalt me prima – steeds dingen bijleren, probeer nu 3D te leren bijvoorbeeld, en ik ben ook een allround iemand – deze week animaties maken, javascript calculators, websites ik doe alles. Zaken doen is een soort electriciteit, en ook vaak veel socialer dan mensen denken. Volgens mij zijn het vooral beginnelingen die zo ‘harde zakenman’ spelen, als je dat aan de lijn krijgt weet je bijna meteen al dat het iemand is die net begint.
De interactie met een opdrachtgever die kritisch is,daar leer je alleen van. Had met de klant waar ik nu voor werk van de week een discussie over met wat voor een dier je een bankier het best kunt vergelijken- una cabra! riep hij spontaan -’we lusten alles-we eten het helemaal op-en dan gaan we naar een nieuw terrein om dat af te grazen.’ Toen ik voorstelde om zijn werkkamer, als eerbetoon aan de geit,van het plafond tot de muren met de huid van geiten te behangen,met de horentjes om de kleren aan op te hangen-zei hij’ Awfull!! so let’s do it!’ Helemaal niet star of eendimensionaal-hij ziet geld vooral als iets om creativiteit mee te stimuleren. Dat is wat anders dat gescharrel in die letterenwereld om je hand voor een aalmoes op te houden.
Het gaat niet zozeer om kritische klanten maar het soort klanten die denken dat je steeds ‘hard moet onderhandelen’ die zitten er af en toe tussen, zijn bijna altijd beginners die uit een ambtenarenbaan komen en ‘de keiharde zakenwereld ingaan’. Kritische klanten is niet erg, inderdaad, daar leer je van – maar deze zijn meestal juist niet kritisch, het is een type klant waarmee jij als architect zelden van doen zult hebben lijkt me.
Een geitenhuiden-werkkamer, ik zou dan wel de sikjes eraan laten zitten zodat je een klimmuur van geitensikjes krijgt zodat je af en toen tussen het internetbankieren door ook nog even wat aan exercitie kunt doen als de muren hoog genoeg zijn.
Wat een gefrustreerd tweetal lees ik hier terug zeg.
Wel makkelijk om je over de rug van anderen zo intellectueel te doen voorkomen.
Zielig dat je dit podium moet misbruiken om eigen frustraties op te uiten.
Ga wat nuttigs doen!
Hey, iemand met een mening!
Nee vervelende ambtenaren typjes die de harde zakenman spelen-daar loop ik me een grote boog omheen.Een opdrachtgever moet niet saai en cliche zijn, “avoid boring people”. Sikjes als klimmuur-goed idee! Al zitten we nu te denken aan een varkenskamer-helemaal bedekt ook de vloer met varkenshuid-die geiten wordt in dit klimaat toch wat vies.Het zijn maar ideeen,altijd het leukste stadium-maar dan zouden we de staartjes van de varkens als klimmuur kunnen gebruiken,ook grappig.
Overigens heeft Henk in zijn frustraties helemaal helemaal gelijk-alleen snap ik de conclusie niet; Ga wat nuttigs doen!- Ik post hier nou net om niet iets nuttigs te doen,doe de hele dag al nuttig.
Ja, daarom zei ik, hey, iemand met een echte mening. Want dat hebben wij hier niet, zijn we niet aan gewend. Zo’n authentieke man met een mening, die hij dan ook uitdrukt in woorden, woorden waar dan een zekere spanning op staat. Geweldig toch. Ik hoop dat Henk nog eens wat vaker langs komt en dan nog eens een mening geeft. Want inderdaad wij zitten ons hier maar te relaxen, beetje gezellig kabbelen over literatuur, heerlijk onstpannen de gedachtes wat de vrije loop op laten zonder dat je daarbij gaat zitten doen aan meningen, beetje vlammetje hier en daar, en je hebt weer lekker even alsof je in een hot tub hebt gelegen een paar vervelende ambtenarentiepjes een poets gebakken, nee, het moet hier vooral een beetje onstpannen blijven niet teveel meningen, maar naar Henks mening ben ik nu toch wel benieuwd.
Ben al jaren op zoek naar een Mening,wil tot nu toe niet echt lukken,het zijn meestal zomaar wat speelse opvattingkjes- vergeten met dat ik ze heb geuit. Maar een echte Mening iets dat je in neon letters aan de hemel projecteert,waar je je op kunt richten-iets dat altijd Waar is,dat waar je ook bent,je bestaan verlicht-zoals bij Henk: ja dat zou ik ook wel willen.