Nationale Polemische Encyclopedie: Tonnus Oosterhoff
Norse, nuchtere Groningse boer die bekend raakte nadat hij in Macromedia Flash 3 wat woordjes tiepte en daar een fade effect overheen gooide, waarna hij een sliert melkertbaanintellectuelen achter zich aan kreeg die, waar hij zijn gezicht ook laat zien, overal ‘Tonnus! Tonnus!’ roeptoeteren, dit tot zijn enorme chagrijn. Schrijft hele aardige en vrij nuchtere, heldere poezie, maar dat feit dreigt ondergesneeuwd te raken onder allerlei tiepes die in hem de superintellectueel wanen waar ze al hun hele leven naar smachten. Tonnus is de verlosser, de vernieuwer, de grote heiland van het Groningse platteland, en elk versje van zijn hand wordt terstond helemaal kapot geanalyseerd door heldhaftige bureauvernieuwers.
Is de ideale ‘Wie van de Drie’ kandidaat. Wil de echte Tonnus Oosterhoff opstaan? Ik ben Tonnus Oosterhoff. Nee, ik ben Tonnus Oosterhoff. Meet Tonnus, the name is Tonnus.
Wij vermoeden dat de fascinatie met de figuur Tonnus vooral debet is aan de combinatie van zijn naam en het feit dat hij nauwelijks ooit zijn mond opendoet. Het Rudi Carell effect, zeg maar, maar dan zonder een televisie. Met zijn gedichten lijkt het weinig van doen te hebben: alleraardigste, glasheldere poezie, goed gemaakt, een beetje droog hier en daar, iets te nuchter naar onze smaak. Maar wie de piepende bejaarde cavia van wat zich de ‘nederlandse poeziekritiek’ noemt aanhoort is dit allemaal de meest raadselachtige superintellectuele geheimschrift, het walhalla van de supergeest Tonnus, een perpetuum mobile van pure vernieuwing die vanuit het Groningse boerenland over de randstad kwam rollen met zijn Flash Stoomwals.
Hoe valt deze nogal hysterische cultus rondom de persoon Tonnus filosofisch te verklaren? Vrij eenvoudig: mensen die nors hun mond houden zijn net als God een mooi en nuttig verlengstuk van jezelf. Wie graag zichzelf naar de top lobbiet zoekt dus altijd een mooie, norse, zwijgende boer uit die als buikspreekpop voor het eigen belang kan dienen. De zwijgende superintellectueel Tonnus, die zich nauwelijks op internet begeeft, mijn grote mentor, mijn leermeester, mijn vernieuwende heiland, O grote Tonnus, gooi nog eens een fade effectje op een woordje in Macromedia Flash 3.0, O schitterende Aartstechnocraat, Grote aanvoerder van onze high-tech avantgarde, Wij Tonnus, Wij Zijn Allemaal Tonnus… u begrijpt het al. Er is geen redden meer aan, wat een zonde van de leuke gedichten die deze alleraardigste boerenjongen schreef.
Tonnus deed afgelopen jaar voor het eerst in vijftig jaar zijn mond open en liet weten niet zo heel veel te hebben met de sliert melkertbaanintellectuelen die achter hem aanhuppelen. Hij drukte zich wat diplomatiek uit, want hij wil natuurlijk nog wel boeken verkopen. De Nationale Polemische Encyclopedie hoopt dat Tonnus zich niet uit het veld laat slaan en gewoon de Nobelprijs voor Literatuur wint, zoals het hoort, maar helaas heeft de Kookboeken en Reisgidsenmaffia, ook wel bekend als de ‘Officieel Erkende Uitgevers’ een mol in de Lerarenkamer laten plaatsen die, u raadt het al, Nationale Nephemmingway Cees Nooteboom perse wil laten verliezen, om ons nog onduidelijke redenen. Mensen die graag speculeren over het hoe & waarom en het reilen en zeilen binnen de reisgidsenbranche worden door de Nationale Polemische Encyclopedie uitgenodigt dat onder dit artikel te doen. Waarom Nooteboom? Zegt u het maar.
Kwade tongen beweren dat 80% van het oeuvre van Tonnus als sneeuw voor de zon zal verdwijnen omdat de flash plugin niet langer ondersteund wordt door mobiele browsers. In de Lerarenkamer gaan daarom al geluiden op om alle melkertbaanintellectuelen een flinke zak geld toe te stoppen om het werk van Tonnus van de ondergang te gaan redden. Het zal echter naar verluidt nog 20 jaar duren eer deze techno-avantgarde doorheeft hoe je zo’n fade effect ook in HTML5 voor elkaar kunt krijgen. De eerste zelfgeinstalleerde wordpress site dook immers ook pas rond 2011 in literaire kringen op, uiteraard tegen een flink prijskaartje, want zo’n ultrageavanceerd CMS moet regelmatig door een adviesbureau worden geupdate. Het komt dus wel goed met het oeuvre van Tonnus Oosterhoff. In feite houdt Tonnus een hele middenklasse aan het werk. Zou het toch dan een soort heiland zijn? De Nationale Polemische Encyclopedie durft tegenwoordig niets meer uit te sluiten.
Martijn,
Even zonder gekheid is dit geen geweldige nieuwe ‘vorm’ van recensie/kritiek en heel geschikt voor het web/net. Een kant van het verhaal maar dat zijn deze dingen vaak. Dekt de hele lading (behandeld de kijk van de kritiek op Tonnus als een afgerond geheel (maar natuurlijk niet uitputtend)). Je valt na 2 regels niet in slaap, sterker het is leuk om te lezen.
Zou dit niet een (niet de denk ik, veel soorten lezers, dus waarschijnlijk ook veel soorten smaken) nieuwe vorm kunnen zijn. Als je de aandacht op een echt literair boek of bundel wilt krijgen van personen die normaal dit niet zouden kopen/lezen lijkt mij dit een hele goede vorm.
Even een korte zijsprong. Wat vind jij van de dingen die Van t Hof op zijn blog (wat is het zet)? Is dit al een ‘bekende’ vorm overigens?
Ook iets wat je denk ik op de nieuwe media kan gebruiken. Kunt het in een paar seconde lezen, maar ook nog verder over nadenken. En je hebt er geen cursus cryptogrammen voor nodig.
Ik vind Ton van ‘t Hof slaapverwekkend, de man heeft zo goed als niets gelezen maar pretendeert vanalles, zijn dagelijkse observaties hebben de diepgang van een doorsnee bejaarde op dramamine, en om het nog erger te maken denkt hij ook nog te kunnen ‘filosoferen’ wat bij hem neerkomt op het introduceren van een vluchtig dualisme, daar even interessant mee doen, en dan is het alweer schluss. Zijn poezie bevat af en toe een aardige regel, maar is grotendeels interessantdoenerij en vulling.
Ik dacht al dat dat het antwoord zou worden.
1. Maar puur de vorm. Het lijkt geschikt voor de moderne middelen. Je kunt het bijv. twitten of tweeten (whatever, dat met inmates in ieder geval). Afgerond geheel maar toch kort genoeg.
2. Vwb de oppervlakkigheid ben ik het gedeeltelijk met je eens. Echter ik vraag mij af of in de huidige tijd als je nog meer dan 100 lezers wilt hebben je niet daar mee moet beginnen. En bij voorkeur moet het dan niet daarbij blijven.
Poezie kan mi 2 kanten op (en waarschijnlijk alletwee).
Een (1) doorgroeien (groeien is mi niet het juiste woord maar ik heb geen betere) op de huidige weg (die naar het crematorium).
Twee (2) aanpassen aan de nieuwe tijd mn web/facebook ed. Wat heel andere vormen zal gaan vereisen. En ik bedoel anders dan nu waar het meestal de oude hap is die op internet wordt geplaatst en niet veel meer.
Dat vereist een snelle, visuele (zeer waarschijnlijk), waarschijnlijk 3D op den duur prikkel (in ieder geval als eerste prikkel), ook meer toevallig (omdat je er langs loopt/kwam).
Meer zoals veel design ed tegenwoordig, ook veel artistiekere reclame, graffiti. Het trekt vaak redelijk toevallig eerst je aandacht. En dat heeft tot gevolg dat je beter gaat kijken en er daarna over na gaat denken. Meer volgens dat proces.
3. Ook de verbinding met een sterk visueel beeld (beeld is altijd visueel natuurlijk). Lastig voor Twitter ed maar dat zal in een paar jaar ook wel opgelost zijn.
Niet wat hij er mee doet dus, maar meer de vorm als zodanig. Ook niet of het wat voor jou is of zo.
Overigens was de eerdere opmerking over een nieuwe vorm voor kritiek ook redelijk serieus bedoeld. Je hoeft natuurlijk niet in iedere kritiek iemand af te zeiken. Echter het vertelt het verhaal en eigenlijk niet slechter dan de doorsnee academische prietpraat (alleen hebben die bepaalde conventies natuurlijk). Maar het wordt veel lezenswaardiger. Uiteindelijk trekt dat toch een veel groter lezerspubliek. Ook dichters en academici willen eigenlijk niets liever dan iets niet standaards, ook al zeggen ze vaak iets anders. Maar weinigen zijn meer dan academische Story lezers. Als je meer lezers wilt hebben, literatuur wilt verspreiden zul dat een keer gewoon toe moeten geven. Anders komt er van alle plannen nooit wat (naast een hoop andere zaken die verbeterd moeten worden natuurlijk).
Ik wil polemische karakterschetsen van zaken geven die mijn indrukken weergeven van de realiteit. Het is een satire-vorm, maar niet perse onrealistische satire. Natuurlijk, het is niet het hele plaatje. Maar het zegt heel wat meer dan dat poezietelefoonboek van het Letterenfonds. Dat je in zoiets geld zou willen stoppen vind ik een echt pervers idee. Dat idee dat er duizenden en duizenden vergeten dichters zijn, die allemaal weer opgerakeld moeten worden – uit maar één belang feitelijk: nationalistische zelfoverschatting. De nazi’s zouden precies hetzelfde gedaan hebben. Deutschland ist so wichtig dat elk stukje kitsch weer opgerakeld en verheven moet worden. En tegelijk flink de collega’s censureren, wat een koddige vaderlandslievende smurfen zijn het toch.
Ik begrijp de achtergrond.
Maar mijn vraag is simpel is dit geen vorm die veel vaker gebruikt zou moeten/kunnen worden. Net als doel mensen in eeste instantie de recensie (oid) the laten lezen en daarna hopelijk het betreffende boek (of een boek/bundel van de betreffende persoon).
Dat was mijn punt. Martijn is het ergens niet mee eens (even alle conventies aan de kant) dat maak je op een logische en duidelijke manier kenbaar. Maar ook nog in een veel leesbaardere vorm. En een vorm die mij heel goed geschikt lijkt voor de nieuwe media terwijl oude stempel recensies dat mi totaal niet zijn. Hier (Bart’s encyclopedie) kun je een saai academisch stuk over schrijven. Maar jij doet in feite hetzelfde maar veel leesbaarder.
Voor een diepgaande analyse is het natuurlijk niet geschikt (maar hoeveel zijn daarvan?).
Het zijn altijd de apostelen die een talent weten te ruineren – sinds al die evangelisten Tonnus proberen te duiden en te verheerlijken – lees ik de Tonnus poezie niet meer zoals ik hem las voordat het tot heilige schrift werd verklaard – tragisch verschijnsel – i.p.v. dat Tonnus die farizeers van z’n erf jaagt met een hooivork ‘vort van mien erf’ tolereert ie ze. Getuigd niet echt van karakter, maar misschien is Tonnus ook wel niet de man uit 1 stuk waar wij hem voor houden. Net als Kopland die zich voordeed als de milde wijsgeer maar in het echt een ijdele geldwolf geweest schijnt te zijn. Die van ‘t Hof is een zeer beperkte geest in een militair lichaam – een oplichter die appelsap als wijn verkoopt.
Van het poezietelefoonboek al een tijd niets meer vernomen op de contrabas – zou Bartje overspannen zijn geworden van het wikipedia overtypen. Wel een mooi uurloon trouwens 6000 euri voor wat overtypwerk – heel wat beter betaald dan garnalen pellen!
Waarom Nooteboom? Doet het goed op de teevee, niet onbelangrijk. Heeft een groot netwerk aan
bevriende schrijvers die hem steunen op zijn mars naar Stockholm. Past is het cliche beeld van de schrijver – zoals de huisvrouwen, die het grootse deel uitmaken van de lezers – dat graag zien. ‘Kan Alles’. Schrijft romans novelles reisboeken en essays + gedichten – gedichten zoals mensen die er geen verstand van hebben denken dat een gedicht er uit moet zien. Heeft glamour had een beroemde zangeres als vriendin ( Lies List). Schrijft boeken waar ze in het buitenland gek op zijn, met gewichtige thema’s met brede streek op het doek gezet. Spreekt zijn talen goed, is altijd bereid een interview te geven waarin ie niks zegt. Is een genadeloze streber die alles zal doen om de Prijs te krijgen en heeft dus goed voor zichzelf, via zijn bevriende schrijvers, gelobbyt bij het fonds en met succes. Is de droom van de uitgevers – grote oplages , goeie kritieken- dus waarom zou Cees de Prijs niet krijgen? Is ook nog een soort humanist, dat zien ze graag in Stockholm – het enige dat Cees mist is wat de winnaars uit oost europese landen wel hebben: Cees heeft nooit geleden – Cees heeft niet in het Verzet gezeten. Cees is een zondagskind en die winnen meestal niet- Stockholm wil een winnaar die meer dan een schrijver is, iemand die zich tegen het systeem heeft verzet. Iemand die moedig is , en aan zijn principes vast houdt in tijden van oorlog en cholera. Zo is Cees niet – Cees heeft niet veel principes – behalve als het geld oplevert. Nolens, de andere kandidaat, maakt meer kans- hangt de lijdende dichter uit – kijk dat zien ze graag in Stockholm. Moet nog wel even geduld hebben, want met dat vorig jaar een dichter heeft gewonnen duurt het wel weer 10 jaar voordat er weer een dichter wint. Maar een oude Nolens met de Prijs – wie weet?
NZ
Persoonlijk vind ik Nooteboom helemaal niets. Een boek en een aantal reisverhalen door proberen te worstelen. Maar de reisverhalen zijn als verhaal ongeveer net zo interessant als het verslag van het jaarlijkse uitje van het bejaardenhuis en dan blijft er veel te weinig over om het verder nog interessant te maken. Het enige eigenlkijk wat me er van is bijgebleven.
Wat veel erger is in dit verband denk ik dat veel niet Nederlanders dat ook vinden. Nederlandse literatuur in het buitenland? Bijna of totaal onbekend. Nederlanders overschatten mi flink het belang en zeker het niveau van de eigen literatuur.
Lobbyen door NLers (zeker ambtelijke types) is ook een ramp (ik kan zelfs ‘meestal’ weglaten).
Samengevat kans lijkt erg klein.
Zoals je zegt ze hebben een duidelijke voorkeur om andere aspecten mee te nemen. Vrouwenrechten, opstandelingen ed maakt je kans op een prijs veel groter. Meer denk ik dan als lijder door eigen handelen (zoals Nolens), meer lijden voor het goede doel. Ook uit de goede politieke hoek werkt. Obama bijv., ze hadden bij Churchill in ieder geval het benul niet de vredesprijs uit te reiken, alhoewel hij schrijft wel rottiger dan Nooteboom. Eigenlijk grappig en treurig tegelijk afhankelijk van oa de presentatie kom je voor hetzelfde zaken of in Den Haag als oorlogsmisdadiger of je krijgt de Nobelprijs omdat je zo leuk ‘yes, we can’ kunt zeggen.
Allemaal wel aardig volgens de waan van de dag (dit jaar een Arabier, die twittert. Bij gelijke geschiktheid wordt aan vrouwelijke candidaten de voorkeur gegeven mits ze Lesbisch is natuurlijk, bij voorkeur niet in de luchtschietend want daar houden wij niet van, tenzij met ‘Groene’ kogels van biologische teelt).
Ja treurig is het wel – politiek correct en commercieel interessant doen er veel meer toe dan de inhoud – kijk naar zo’n Gore Vidal prachtige essays over het verval van de USA – maar kansloos voor de Prijs. Rituelen vond ik wel een geslaagd boek – maar verder is het toch vooral een kitscherige schrijver uit dezelfde mal als Mulisch, braaf geneuzel van een zelfgenoegzame burgerman. In het buitenland kent niemand een Nederlandse schrijver, en waarom zou het ook – je mist er niks aan wanneer je het niet leest. Nooteboom maakt een kans door zijn uitgebreide netwerk – maar verder kwa niveau kansloos.
Nooteboom de Nobelprijs zou wel goed passen bij het beeld van Europa vol seniele ouwe mannen die maar wat aanrotzooien met andermans geld. Bij zo’n cultuur zoek je natuurlijk een passend icoon. Het is natuurlijk maar de vraag of Europa lang genoeg overeind blijft staan om Costa del Cees de Ouwe Strandsnoeper zijn Nobelprijs te gunnen. Maar die ouwe zakken gaan er vast alles aan doen om ervoor te zorgen dat Costa del Cees in elk geval genomineerd wordt. Maar winnen, nee, dat snoepreisje staat Nederland momenteel niet goed genoeg voor in the picture. Niet genoeg vriendjus in Brussel. Horkendiplomatie sinds de PVV. Nobeltjes zijn alleen voor de brave jongetjes in de klas. Ik gok op iemand uit het Midden Oosten, om de revolutie van kwaad tot erger nog een licht-groen tintje mee te geven.