politiek

‘Mediastilte’ is een klassenfenomeen

Dirk-Jan van Baar schreef een prima artikel in de Volkskrant waarin hij enkele prangende vragen stelt over Wouter Bos.

Je weet het nu al: Wouter gaat hierop niet reageren. Mijn stelling is dat wat men ‘mediastilte’ noemt een eufemisme is voor een heel ander type ‘stilte’, namelijk de stilte van de geprivileerde: de stilte van de ‘haves’ tegenover de ‘havenots’: men is geen enkele verantwoording schuldig, want men behoort niet tot dezelfde klasse.

Met die tweedeling, en dat idee dat men geen enkele verantwoording schuldig is aan mensen die niet tot ‘onze groep behoren’ is de klassenmaatschappij weer een onvoldongen feit geworden in Nederland.

Je hebt privileges, maar alleen verantwoordelijkheid naar de eigen groep. Zou een PVDA prominent in de pen klimmen en hetzelfde schrijven dan zou Wouter Bos als door een hond gebeten vliegensvlug reageren. Zou Matthijs Nieuwkerk dit geschreven hebben, dan zat Wouter Bos morgen al in DWDD om zich te verdedigen. Maar nee. Dit is geschreven door een historicus. Daar hoef je niet op te reageren. Dat is niet een van ons, van de bekende nederlanders. Die man heeft toch helemaal geen status?

Precies daar zit het pijnpunt: de nieuwe klassenmaatschappij, van geprivileerde bekende nederlanders, die alleen aan elkaar verantwoording schuldig zijn. Het lijkt de nederlandse poeziewereld wel, waar ook allerlei oude rotten zich wentelen in privileges en oostindisch doof spelen voor mensen die ‘niet tot de groep behoren’ wegens dat vermeende ‘gebrek aan status’.

Daarmee is onze maatschappij sterk anti-intellectualistisch geworden: immers, zelfs de schijn van intellectualisme, het idee dat de sterkste ideeen moeten winnen, doet niet meer ter zake. Men hoeft zich niet eens meer te verdedigen. Het enige wat nog ter zake doet is de eigen status binnen de eigen kliek.

Daarom is die ‘mediastilte’ feitelijk een heel ander type stilte: het is de stilte van de klassencensuur, die basaal gelooft dat er mensen met en mensen zonder priviliges bestaan, overmensen en ondermensen. De eerste groep is aan de tweede totaal geen verantwoording schuldig. Zowat alles wat men nog intellectueel zou kunnen noemen is tegenwoordig een verfoeilijk ondermens, een barbaar, die de ‘beschaving’ bedreigt: het idee dat je tot je dood alles gezellig uit kunt zitten, de meest primaire beschavingsdefinitie die de Haves ooit wisten verzinnen.

Nieuw is dit allemaal niet, maar wat wel nieuw is is de daadwerkelijke verdeling: vroeger beschouwde men de wetenschap als een onderdeel van de ‘priviligeklasse’. Dat is allang niet meer zo. Ook de literatuur doet hoogstens nog ter zake als het ‘lijkt op ons’ – het moet zich op een bepaalde wijze gedragen, met een bepaalde glans, een bepaalde oostindische doofheid, en de haves moeten zich er superieur aan kunnen wanen. Vandaar dat u allerlei types de ‘schrijver’ uit ziet hangen die u eerder zou verwachten in de screening van een tweederangs soapserie.

Ramsey Nasr is niet populair wegens zijn poezie, dat weet iedereen. Ook is hij niet populair om zijn ‘mooie hoofd’, dat denkt hij wel, maar dat is dus niet zo. Hij is populair omdat dit is wat de ‘haves’ begrijpen: iets wat zich als ons gedraagt, ijdeltuit, en iets waar we ons stiekum superieur aan kunnen wanen, want je wilt toch niet dat je het idee hebt dat er zich boven ons nog iets anders zou bevinden dan ijle leegte. Om precies dezelfde reden is ook Wouter Bos populair.

De premisse van de oude aristocratie was dat er een bepaalde ‘verantwoordelijkheid’ hoorde bij de rijkdom. Men moest beschaafd zijn, hoog opgeleid, van kunst houden, geletterd zijn.

De ‘nieuwe aristocratie’ is er meer een die een retrograde beweging richting middeleeuwen heeft gemaakt: men is juist geen verantwoording schuldig, men hoeft niet ‘hoger te zijn dan de rest’, men hoeft alleen geprivileerd te zijn, de privilige verantwoord zichzelf. Want de rest bestaat maar uit horigen. De wetenschap, de literatuur, niks doet ter zake: alleen de status heeft 100 jaar democratische lucht weten overleven.

Literaire censuur: eerst het kootje, en al snel volgt de hele hand.

Chretien Breukers heeft beide recensies van ‘Willem’ van het internet verwijderd. Ook liet hij weten dat ik de recensies niet op mijn eigen site mag zetten. Wat een betrouwbare literatuurliefhebber. Wat zouden de auteurs van die recensies, Willem Tieske Derks en Abe de Vries daarover te melden hebben?

Waarom laat men zo’n persoon gedichten bloemlezen? Wie kan het mij uitleggen?

Aangezien ook Samuel Vriezen de recensie verwijderde is de enige overgebleven recensie die van Joop Leibbrand op Meander.

Zo zie je maar weer: Censuur, het begint met een kootje, en voor je het weet is het de hele hand.
Dat krijg je met een kudde schapen die nooit ergens tegen in het geweer komen.

Een post als deze zie je bijvoorbeeld gewoon nooit op Ooteoote verschijnen:

want mijnheer van Adrichem zit dat op staatskosten doodleuk te wissen. Fijn, dat de staat mensen sponsort die de concurrent monddood maken met die middelen.

Het is een trieste bedoening, als je het mij vraagt. Als je het hun vraagt zul je waarschijnlijk te horen krijgen dat ik dit ‘allemaal zelf heb veroorzaakt’ door niet ‘vriendelijk genoeg te zijn op de gang’ of iets dergelijks. Tja. Dood aan alle polemiek, lang leve de kleine, neoromantische, nieuwfeodale gesammtliteratuur. Met een flinke portie censuur, dus. Want wij en de onzen zijn aan de macht. Wees er maar apetrots op, jongens. Doe de groeten aan Assad, en hopelijk spoedig aan Khadaffi.

Arnoud van Adrichem censureert collega schrijvers

Verhelderend mailtje van Samuel Vriezen. De persoon die de bijdrages aan OOTEOOTE steeds wist (bijdrages die voldoen aan de richtlijnen) blijkt Arnoud van Adrichem te zijn. Arnoud is dus de persoon die op het potje geld ging zitten en vervolgens collega schrijvers censureert, weten we dat ook weer. Mijn potje. Jij bent niet zichtbaar. Oenga Boenga. Deze dementerende, veertigjarige opa die twee dunne bundeltjes op zijn naam heeft staan heeft als laatste wapenfeit van zijn glansrijke, haarloze carriere maar meteen even een banenenrepubliek van de letteren gemaakt. Geef de man nog meer macht, en ongewtijfeld volgen de Goelags. Een politiek stuk zuurkool met een hele akelige schrijfstijl, glibberig als een aal, goedlachs als een verzekeringsagent. We zullen je voor altijd herinneren, Arnoud. Reageren is niet mogelijk zullen we op je grafsteen zetten.

En daarmee verklaar ik OOTEOOTE tot een dode linkbak.We hebben immers beter te doen.

SV: “Weet je wat ik trouwens wel schokkend vind? Dat Breukers zogenaamd mijn dood aankondigt en dat ik daarvan 250 pageviews krijg. Wat zijn dat voor idioten!”

MB: “Misschien ook mensen die niet graag weggecensureerd worden door wat
gemeentewoordvoerders?”

Wat Bernard-Henry Levy was voor de filosofie was Ilja Leonard Pfeijffer voor de nederlandse literatuur. Someone on a payroll.

MB: “Ik heb niet bepaald de indruk dat ik degene ben die niet geinteresseerd is in een ‘gesprek’. Mijns inziens is dat de mijnheer die beweert dat het Bach Collectief aardig moet doen op de gang om in het door de overheid betaalde ‘Klassieke Muziek van Nu’ te mogen worden besproken.Met iemand met zo’n achterlijke mening valt helemaal geen gesprek te voeren.”

SV: “Ja, dat snap ik wel. Dan niet!”

En met zulke indrukwekkende argumentatie heerst de huidige letterenklasse met stalen hand over de eigen portemonnee. De geldvoorraad slinkt, en de adviseurs moeten blijven, dus de schrijvertjes zullen steeds zichtbaarder moeten worden om nog geld te krijgen. En dus is mijnheer van Adrichem plots een hele belangrijke mijnheer, want die kan je onzichtbaar maken.

Niet verbazingwekkend is het te zien dat van Adrichem warm aankruipt tegen het bankwezen met zijn ‘vernieuwende projectjes’: u kunt nu bij een bepaalde amsterdamse bank uw pinkaart door een gleuf halen en dan krijgt u op het scherm een regeltje poezie te zien. Je ziet een hele busvol digibeten verwonderde kreetjes uitslaken bij zulk een adembenemend vertoon van technologische mogelijkheden. Uiteraard werd een en ander met veel dédain voor de belastingbetaler gepresenteerd. Morgen wist mijnheer van Adrichem met behoud van uitkering uw postjes. Overmorgen zit hij bij een andere partij dan het CDA de revolutionaire intellectueel uit te hangen. Windjes moeten waaien. De avantgarde komt eraan.

Komrij over het Letterenfonds

Voorspelbaar: na iemands dood klinken allerlei stemmen op, en daar zitten ook zijige stemmen tussen van mensen van wie ik weet dat zij in het prive de grootste vijanden van Komrij waren. Dan heb ik het niet over het Limburgse halftalentje Huub Beurskens, die zich met zijn kitsch-schilderijtjes en chilmgedichtjes een intellectueel waant – die man durft het tenminste nog in het openbaar te doen. Ook heb ik het niet over Komrij-wannabe Chretien Breukers – wat moet die arme jongen nu zijn grote idool dood is? De laatste woorden van Komrij op zijn weblog ‘Literatuurtje spelen, rot toch op man!’ moeten zelfs op zijn schurftige copycatziel nog enige indruk gemaakt hebben. Nee, ik heb het hier over andere, schaduwachtigere figuren, die zich zelden publiekelijk uitlaten, maar een grote rol spelen in de machtstructuur die is opgezet.

‘Maskers en bloemen’ door groot kunstenaar Huub Beurskens

Ik onderhield een vrij onregelmatige correspondentie met Komrij. Hij mailde me soms als hij bijvoorbeeld vond dat ik hem gekwetst had. Daar zitten vrij persoonlijke mails bij die ik niet ga openbaren, maar volgende passage die hij me schreef lijkt me in het licht van bovenstaande wel relevant:

Beste Martijn,

Ik wens je veel succes met je pogingen het fonds voor de letteren te sarren, uit te dagen, te torpederen. Het zal niet lukken, want het fonds voor de letteren heeft een structuur ontwikkeld (om het vriendelijk te zeggen) waarbij iedereen in Nederland die zich verbeeldt een pen te kunnen vasthouden siddert of zich koest houdt.

Of de schrijvertjes/dichtertjes zitten in een van de talloze adviesraden of ze krijgen geld of ze hopen op een van die beide.

Een dwangbevel naar de verantwoordelijke minister om die zaak op te heffen, of van de grond af te herbouwen, is het enige wat een kans zou maken, ware het niet dat die minister zelf een bange, initiatiefloze wezel is.

Je kunt invalshoeken verzinnen wat je wilt, wat je zult ontmoeten is de blik van iemand die kijkt of hij naar het abattoir moet of die ineens heel hevig aan iets anders moet denken.

Terwijl de zaak eigenlijk zo klaar is als een klontje: het parasitaire gezwel heeft het lichaam overgenomen. Het lichaam was blijkbaar te zwak.

Aldus deze schat van een man. Komrij kreeg ook nooit een cent van dat Fonds, en tegelijkertijd werd het hem kwalijk genomen dat hij dan poogde op andere wijze maar geld met zijn talent te verdienen, door precies die mensen die op dat potje zitten. Ook dat waar hij het volste recht op had, eregeld, werd hem nooit gegund door deze proleten.

Ironisch genoeg werd precies ditzelfde parasitaire gezwel hem fataal. Rust in vrede, Gerrit.

Een marshall plan voor het menselijk brein

Wie het nieuws een beetje volgt valt van de ene verbazing in de andere. Het nieuws dat mij persoonlijk het meest raakte afgelopen tijd was het bericht dat Nederlandse Universiteiten zijn begonnen hun studenten simpele breuken te onderwijzen, omdat die kennis de studenten totaal ontbrak. Simpele breuken! Lagere school materiaal op de Universiteit! Wat is hier aan de hand? Dit:

Kun je weermannen afrekenen op hun foute weersverwachtingen? De PvdA-fractie in Hoek van Holland vindt in ieder geval van wel.

Ze zijn het zat dat toeristen wegblijven als regen en onweer wordt voorspeld, terwijl het daar vaak veel mooier weer is.

Lees het nieuwsbericht

Ik stel voor de PVDA onder de bezielde leiding van kaalkoppie Samsom te hernoemen naar ‘Nieuw Flinks’ en ik doe een dringend beroep op de wetenschap om onderzoek te gaan verrichten naar een soort van globale hersenepidemie. Iets moet dit veroorzaken.

Wat als Wilders geen populist is maar een eerste symptoom van deze ziekte? Wat is het gevolg van bestuur door mensen die op hun 20e pas leren simpele breuken te maken? Heeft dit wel iets met ‘populisme’ van doen? Ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat deze mensen authentiek totaal niet in staat zijn zelfs maar de meest rudimentaire beginselen van de logica te vatten.

Een bericht als het bovenstaande zou 20 jaar geleden toch totaal ondenkbaar zijn geweest? Het heeft niets meer met populisme van doen, het is een soort cognitieve degeneratie.

Is Wilders een ‘populist’? Zijn partijprogramma bevatte onder meer het (nu afgeserveerde) idee dat Turkije maar opgesplitst moet worden. Is dat een populistisch idee? Natuurlijk niet. Het is het idee van iemand die mentaal totaal de weg kwijt is.

Onderzocht moet worden wat precies die cognitieve degeneratie veroorzaakt. Er moet een Marschall plan komen voor het menselijke brein. Want ik vrees echt dat we hier pas aan het begin staan van een bepaalde ontwikkeling die in snel tempo de hele samenleving kan ontwrichten, ook voor toekomstige generaties.

Het is iets wat me al veel langer opviel in elk segment van de samenleving. Wat tegenwoordig in een ‘kwaliteitstijdschrift’ als ‘De Gids’ staat zou 15 jaar geleden door Meander zijn afgewezen als prutswerk. En hoe seniel moet je precies zijn om in het oninteressante gereutel van Maartje Wortel Danniil Charms te ontwaren?

Dit is het levenslied anno 1986:

Dit is het levenslied anno 2011:

Nee, er is iets anders gaande dan alleen maar slecht onderwijs. Denken leer je namelijk sowieso niet op school. Denken is een essentiele functie van de menselijke hersenen. Er is iets gaande, een soort verschuiving, een soort collectieve senilisatie. Ik zie films waarin geen verhaal te ontdekken valt en ik zie die films lovende recensies krijgen, alsof ze de grootste kunstfilms zijn ooit gemaakt.

Er moet een soort collectieve verschuiving zijn richting het visuele genotscentrum in de hersenen, en die verschuiving is nu zo nijpend dat het brein de denkfuncties niet langer nodig acht. Het kan immers zijn dat wij op een gegeven moment een type maatschappij ontwikkelen waarin logische gedachtes en logisch gedrag NADELIG wordt voor het overleven als mens. Gedraag je als een visueel ingestelde idioot, en je overlevingskansen gaan omhoog. Een lichaam dat dit signaal ontvangt zal zich daarop instellen.

In krap 15 jaar transformeerden wij van een min of meer logische, rationele democratie naar een superstaat waarin wordt gemarteld voor de vrijheid, inclusief Goelags en andere onzin. Hoe dat zo snel kon gebeuren is een absoluut raadsel, maar bovenstaande heeft ermee veel van doen.

Bedenk hoe levensgevaarlijk zo’n ontwikkeling is. Je kweekt op die manier een wereld vol mensen die totaal niet meer in staat zijn logisch te denken. Er moet een nationaal Marshall Plan worden opgesteld om het brein van zichzelf te redden. Doen we dat niet dan zijn bovenstaande berichten straks aan de orde van de dag, en dat is nu al bijna zo.

Reageren is niet mogelijk

Het idee dat Frans Timmermans bij mijn dood iets zal gaan zeggen is al afdoende om enigerlei ijdelheid die ik zou hebben richting bekende nederlanderschap – een soort uitgestorven diersoort, want de machinale structuur die daarvoor zorgde stamt nog uit de 70′er jaren en functioneert allang niet meer voor nieuwe mensen: een Gerrit Komrij is het product van de 70′er jaren en tegenwoordig als fenomeen niet meer mogelijk. Het heeft alles te maken met de beginjaren van de televisie, toen men doorkreeg dat de televisie feitelijk functioneert als pseudo-familie, en dat mensen maar 1 ding echt willen: steeds dezelfde koppen zien. Steeds andere koppen veroorzaakt geen gewenning, is ongezellig, de televisiekijker wil basaal maar 1 ding: het gevoel hebben dat als hij een knop indrukt hij erbij hoort.

Vroeger, omdat het de beginjaren van de televisie waren, was de selectie semi-spontaan, vandaar dat het kon gebeuren dat er nog enkele intelligente mensen bijzaten. Tegenwoordig is de selectie zeer zorgvuldig georchestreerd door marketing-mensen: wil je een bekend hoofd worden, dan zul je eerst aan alle verwachtingen van publiek, marketeers en de media-elite moeten voldoen. Er is daarnaast ook een probleem met gewenning, en een probleem met synchronisatie: men zou zo graag Nasr als de nieuwe Komrij verkopen, maar het heeft geen enkele geloofwaardigheid. De man kan simpelweg niet schrijven laat staan enig kritisch vermogen aan de dag leggen. Hij heeft een mooi, blij hoofd. Hij lijkt ‘betrokken’. Dat vond men al afdoende. Maar het is een zelf-kannibaliserend systeem op den duur. Kijk hoe de kranten al hun autoriteit verloren.

“Rob Schouten (1954) is criticus en columnist. Reageren is niet mogelijk.

De publieke opinie kon niet afdoende worden gekanaliseerd, en dus moest hij onklaar worden gemaakt.
Internet bleek niet geschikt om dat ‘kanaliseren’, waar de klerkjes van het letterenfonds zo’n enorme interesse in hebben, zonder keiharde censuur voor elkaar te krijgen. De truukendoos om een filosoof als ‘de onderbuik’ te verkopen werkte ook al niet meer, en dus zwatelen we gewoon de leegte in, zonder de mogelijkheid dat iemand er ooit op zal reageren. Gelukkig is de foto nog altijd van Riefenstahliaanse proporties. Dit ben ik. Dit is mijn gedichtje. Volgende.

Commentaar

De nieuwe Benders



'Wôld, Wôld, Wôld!' heet de derde dichtbundel van Martijn Benders. Een lijvige dichtbundel met 222 pagina's. De bundel heeft een aantal verassingen voor u in petto en kwam uit in drie versies.

Koop de bundel nu!



'Wat koop ik voor jouw donkerwilde machten, Willem' heet de tweede dichtbundel van Martijn Benders.

Koop de bundel nu!