Interview met Benders, deel 7: Poeziesaboteur stopt, koffiejuffrouw, brabantse meisjes
Heer Benders, u staat met twee gedichten in de Turing Nationale Gedichten Top 100. Waarom plots deze aankondiging dat u gaat stoppen met het saboteren van poeziewedstrijden?
Ik vind het wel leuk geweest. Komrij stopt met bloemlezen, ik stop met het saboteren van poeziewedstrijden.
Dingen gaan hand in hand. Dat liedje ‘Kom nou Mijnheer Komrij’ is voorlopig mijn laatste poging de populistenconsensus een hak te zetten. Je wordt ouder. Die consensus is van nature een stomvervelend fenomeen. Alsof je steeds een kamer vol kakelende papegaaien betreed en poogt daar een zinnig statement te maken. Mijn oorspronkelijke filosofie was dat het fenomeen ‘poeziewedstrijd’ tot aktie noopte – simpelweg niet meedoen leek mij ineffectief – je krijgt dan dat die valsemuntermachine een wereld op zichzelf wordt, dat al die elleboogmannetjes in hun poging de consensus te vervalsen geen strobreed in de weg wordt gelegd. Dus dacht ik: hier moet meer mee kunnen. Deze papegaaienconsensus moet op ludieke wijze om zeep worden geholpen. Een zinloze missie, wellicht, maar wel een missie die me de nodige vreugde bezorgde. Het rood aangelopen hoofd van Wim Brands tijdens de Buddingh, een hoogtepunt in mijn consensusbeleving. Als leuke afsluiter heb ik nog een liedje over Gerrit gemaakt en daarmee is de kous voorlopig af.
Het lied ‘Kom Nou Mijnheer Komrij’ kwam niet door de eerste ronde van de Turing heen. Wel staat u met twee gedichten in de Top 100. Vind u dat ook betere gedichten?
We gaan naar verluidt nog een bespreking ontvangen van ‘Kom Nou Mijnheer Komrij’ geschreven door die o-zo professionele Awater jury. Ik vind het onbegrijpelijk dat Gerrit dat schorriemorrie heeft ingezet als voorselectie. Het resultaat was een gigantische puinhoop – het is toch niet te filmen, zoals een vriend van me zei, dat een organisatie als de Turing van wie je enige professionaliteit mag verwachten alles afschuift op de koffiejuffrouw? De koffiejuffrouw heeft het gedaan. Je zou verwachten dat het bestuur ruiterlijk toegeeft dat wij fouten gemaakt hebben – maar nee, een bericht komt naar buiten: alles was de schuld van de systeembeheerder. Erg geloofwaardig klinkt dat natuurlijk niet. Zowiso al omdat een systeembeheerder geen websites bouwt en als het een fout in die site was – wat ze ons willen doen geloven – betekent dat feitelijk dat ze met een ongetest oordeelsysteem de wedstrijd in zijn gegaan.
Zijn mijn top 100 gedichten beter dan de andere gedichten die ik inzond? Nee. Mijn beste gedichten zijn, net als in de eerste editie van de wedstrijd, niet door. Wat deze wedstrijd doet is vooral de smaak van Mijnheer Komrij voor de zoveelste keer nog eens duidelijk maken. Schijnbaar waren tweehonderd bloemlezingen niet afdoende om een duidelijk beeld van die smaak te krijgen. Ook na twee Turing edities is niet glashelder wat nu precies het belang is van de smaak van Dhr Komrij, dus ik verwacht dat er nog vele edities zullen volgen.
Ik kan me echter herinneren dat u vorige keer nog positief was over de wedstrijd?
Toen was het nog iets nieuws. Een verademend stukje kapitalisme in de socialistisch-pedante Fonds Der Letteren sfeer van poezieland. Ik was echter zwaar teleurgesteld in de strategien die gevolgd werden voor de tweede editie. ‘Wat vind Gerrit Komrij van uw gedichten’ werd plots het motto van de wedstrijd, alsof dat ook maar een dode mus wat zou interesseren. Schijnbaar draait die wedstrijd dus om hem heen. Je voelt de slimme marketeer in zijn handen wrijven: de Turing is een product geworden, en heeft daarmee het kapitalisme paradoxaal ook de rug toegekeerd. Echt kapitalisme vereist concurrentie en vernieuwing. Deze doodse herhaling van zetten, deze visieloze marketing: ik ruik meteen de Partij van de Arbeid en het zou mij niet verbazen als de Turing hetzelfde marketingbureau heeft ingezet. Totaal foute strategie: inzetten van die Awater consensus, die totaal geen aanzien bij echte dichters heeft noch bij de zondagsdichter. Het enige juiste kapitalistische perspectief was geweest de prijs weer flink te verhogen, zodat je er niet een tweedehands Fiat Panda meer van koopt maar bijvoorbeeld een echte nieuwe Renault, ik noem maar wat. Met een gedichtje een gloednieuwe Renault winnen. Of voor mijn part een Toeringbus. Maar nee, de heren zwelgden liever in een vermeende succesformule. Daarmee bewezen ze dat de Turing feitelijk niets anders is dan datzelfde pedante socialistische schoolmeestertruukje dat het ook via het Fonds der Letteren voor het zeggen heeft: die consensus is gewoon één pot nat.
‘Kom nou Mijnheer Komrij’ is aangekondigd als zijnde een deel van het album ‘Trix is weg’. Kunt u wat meer vertellen over dat album?
Het wordt een Nederlandstalig album dat waarschijnlijk in kleine oplage uitkomt vergezeld van een schrift. Hoe het er precies uit gaat zien is nog onbekend. Het is feitelijk een project van Bart van der Pligt maar ik werk er ook aan mee. Ik kan er op dit moment nog niet veel over zeggen behalve dat ik geloof dat het een fantastische plaat gaat worden uiteindelijk.
Ik werk ook nog aan drie andere albums, deels onder de naam ‘Genus Pongo’ en deels onder mijn artiestennaam, Martinus Benders. Een wordt een album met electronische, vernieuwende hiphop.
Een ander album wordt een album met Nederlandstalige liederen door mij gemaakt en gezongen. Het derde album wordt een klassiek album met bewerkingen van Rachmaninov en Daquin. Alles zit nog in conceptuele sfeer momenteel. Wat er uiteindelijk echt uitkomt is een kwestie van grondige evaluatie.
En hoe zit het met de boeken?
Nog mee bezig. Focuspunt ligt nu op de roman. Het worden uiteindelijk drie boeken: een roman, een dichtbundel en een filosofieboek. In totaal komen er dus zes werken aan, vandaar dat ik claim met een sexologie bezig te zijn. Het is een magnifiek project, lekker moeilijk, hopelijk lukt het binnen een jaar ofwat er substantiele vorderingen mee te boeken. Wat ik wel interessant vond om te zien is dat geen enkele uitgever ook maar een gram interesse had om de muziek te horen die ik gemaakt had. ‘Wij doen geen muziek’ was het motto. Je zou toch juist verwachten dat zon uitgever juist interesse had in manieren om meer te verkopen, maar nee, het zijn bevroren instituten die niet verder kijken dan hun neus lang is. Ze waren zonder uitzondering allemaal alleen in de roman geinteresseerd. Filosofie en poezie, ja dat zal wel, maar laat die roman eens zien? Eerlijk gezegd vond ik het een nogal onaangename ervaring, en hoe kleiner de uitgeverij hoe botter de hork die er werkt, dat lijkt bijna een universele wet te zijn. Ze weten schijnbaar niet wat ze met me aanmoeten. Het is ook een zo goed als onmogelijk project. Heerlijk.
Kunt u ons iets laten horen uit bovenstaande muziekprojecten?
Hier drie nummers. Eerste een van mijn bewerkingen van Daquins ‘Le Cuchoo’. Ik denk eraan een CD te maken met alleen bewerkingen van dit nummer.
En hier het werkje ‘Motives’ met de tekst en stem van DER PETER. Een interessante man die ook hele mooie schilderijen maakt. Dit is nog de ruwe vorm, ik moet de mastering nog een keer doen als ik tijd heb:
En van de liederen CD het al eerder gepostte ‘Brabants meisje’:
The apologist wants a cracker
Begin het steeds leuker te vinden, dat muziek maken. Nog een paar jaartjes doorstomen en ik ben niet meer van de charts weg te branden. Over een week of twee is mijn zanginstallatie klaar. Zo erg als L.F.Celine kan het nooit worden! Mijn God die kerel moeten ze in een dwangbuis afvoeren!
Hier een compositie die ik gister en vandaag gemaakt heb. Een schets nog maar, maar klinkt al heel aardig:
Theapologistwantsacracker by mixmurry
Morgen ga ik wat nieuwe opzetjes voor de loewak sites maken, ik wil vooral de engelse site actiever gaan beheren, zonde van al die bezoekers om het links te laten liggen.
Oh bovenstaande versie is inmiddels verouderd. Dit is de nieuwe. Bijna helemaal op een Hammond gespeeld:
Benders Platen top 5 – Maart 2009 / appartement in istanbul te huur
Ik lig een beetje achter omdat ik van het eiland naar de stad ga verhuizen deze maand, waardoor ik uiteraard minder tijd heb om hier te posten. Als er iemand een prachtig appartement met een super uitzicht op de prinsesseneilanden wil huren, laat het even weten mijn huisbaas zit met de handen in zijn haar – de huur is ongeveer 350 euro per maand, geen geld voor zo’n mooi appartement. En zeg nou zelf, wie wil er niet dit uitzicht:

Geinteresseerden even mailtje naar m.benders@gmail.com, ik kan meer foto’s sturen.
Op naar de platen. Allereerst natuurlijk de fantastische verzamelbox van the Pogues vol met onuitgegeven tracks:

Onmisbaar voor wie dan ook van rauwe, echte, dionysische muziek houdt. Helemaal onmisbaar als je ook nog eens van ierse folk houdt, en zowiso alleen als de moeite van het kopen waard voor het prachtige nummer ‘The Travelling People’ welke zeker tot de mooiste vertolkingen van dat nummer ooit behoren. The Pogues waren, net als bijvoorbeeld Laibach, typische voorbeelden van de retro-avantgarde die in de jaren 80 de kop opstak. Zo dynamisch en dionysisch heeft de traditionele muziek nooit weten klinken.
Op naar een ouwetje: Bruised Oranges van John Prine:

Prine is al sinds de 60′er jaren een van de scherpste, cynische en getalenteerde songwriters binnen het country genre. Deze plaat is onmisbaar voor eenieder die van scherpe, cynische levensliederen houdt. Nummers als ‘There she goes’, ‘Sabu visits the twin cities alone’ en ‘Hobo song’ zijn absolute klassiekers in het genre. Prine, die van indiaanse komaf is, wordt stemsgewijs wel eens met Dylan vergeleken maar hij draait net zo lang mee als Dylan dus van imitatie is geen sprake.
Ook dit is een onmisbare plaat:

De suicidal tendencies met de gelijknamige debuutplaat uit 1983. Een van de pioniers van de sound die later ‘hardcore’ is gaan heten met luitjes in houthakkershemden en bandadas. Deze plaat is heerlijk opgefokt en veel beter dan hun latere platen die allemaal saai zijn vergeleken bij deze. Er staat geen slecht nummer op. En zeg nou zelf, het is toch heerlijk om:
I shot Reagan, I shot Sadat
I’m gonna shot you dead in heaven you’ll rot
You’re gonna rot in heaven, hear an angel’s voice
You’re too bad for hell, although it’s you first choice
Rot in heaven, cause you’re fogiven in hell
Rot in heaven, you’re too bad for hell
I shot Lennon, I shot the Pope
I shot the devil, now you ain’t got no hope
You’re too bad for hell although it’s your first choice
You’re gonna rot in heaven, hear an angel’s voice
Lekker mee te brullen. Op naar de volgende plaat:

Hehe, Benders, eindelijk iets recents. De band heet ‘Casiotone for the Painfully Alone’ en de plaat heet Advance Base Battery Life (2009) – net uit dus. En het is een geweldige plaat! De hele plaat klinkt alsof hij thuis is opgenomen, maar de nummers zijn enorm catchy en lekker tegendraads. De man achter de band, Owen Ashworth uit Chicago, haalt op een hele originele manier allerlei liedjes door de mangel, zoals Bruce Springsteen’s ‘Born in the USA’. Dit is zeker een van de beste platen die ik het afgelopen jaar hoorde en een must have voor liefhebbers van electronische muziek.
Die liefhebbers hebben deze plaat waarschijnlijk al:

De uit 1997 stammende plaat ‘Saturday Teenage Kick’ met de nogal lelijke hoes ligt echter prima in het gehoor – een plaat vol heerlijk dansbare muziek, niet pretentieus, niet bijzonder vernieuwend maar wel lekker om af en toe tussendoor te draaien. Tom Holkenborg, de man achter Junkie XL, is een Nederlander dus kwaliteit van eigen bodem, hoewel hij al heel lang in de States woont inmiddels..
Benders Platen top 5 – Februari 2009
1. Egberto Gismonti – Trem Caipira

Gismonti is een nogal eigenaardige Braziliaanse componist. Deze plaat is geweldig! Het is alsof je in een vreemde nachtmerrie van jaren 80 muziek binnenstapt. Heel eigenzinnige, aan het irritante grenzende composities die stuk voor stuk klinken alsof je Schoenberg met AHA! hebt gekruist. Dat klinkt wellicht niet zo uitnodigend, maar toch moet je deze uit 1985 stammende plaat zeker niet links laten liggen. Een bijzondere avatar van de typische jaren 80 sound die bij elke beluistering leuker wordt.
2. Up, Bustle and Out: Rebel Radio

Grandioos goede plaat dit, zeer dansbaar ook. Heeft een permanente plek veroverd deze maand in mijn muziekcollectie. Helaas en zeer onterecht nooit de marge uitgekomen. Het wordt gemaakt door twee muzikanten uit Bristol (Clandestine Ein en Rupert Mould) die een hele serie Up,Bustle * Out maakten en voor deze master session met de Cubaanse componist Richard Egües hebben samengewerkt die het album mee heeft gecomponeerd. Het resultaat is een verbluffend goede mix van oude en nieuwe Cubaanse invloeden, breakbeats en jazz. Gemaakt in 2000.
Direct te bestellen via hun site
3. Wolf Krakowski – Transmigrations: Gilgul

Deze plaat vooral toegevoegd omdat ik nog steeds niet weet wat ik ervan moet vinden. Krakowski maakt een soort country en western muziek. Hij zingt in het Yiddish. John Zorn schijnt een grote fan te zijn. De plaat kan me niet helemaal overtuigen, maar mag ook zeker niet ontbreken voor liefhebbers van weirde country muziek. Productiejaar 2001.
4. Osibisa – Heads

Oudje, maar een fantastische plaat! Deze uit 1972 stammende plaat is een kruising tussen Afrikaanse Jazz en 70 Fusion en is absoluut avantgarde, veel geluiden die je pas eind jaren 70 bij anderen hoorde hoor je hier al. Als je van dansbare fusion en jazz houdt is dit echt een moethebbertje!
5. Monster Bobby – Gaps

‘Monster Bobby’ is een project van Robert Barry, songwriter en frontman van de indie groep The Pipettes. Een fijne plaat met rockachtige soundscapes, weirde geluiden en verknipte liedjes. Wellicht geen top-plaat maar wel fijn af en toe tussendoor te draaien. Let u vooral op de weirde songtitels en het bitterzoete sentiment wat hier en daar doorsijpelt. Uitgekomen in 2007.
Mijn vijf favoriete platen van November 2008
Op de Engelstalige Loewak een overzicht van mijn maandelijkse platenrondje: elke maand noem ik de vijf platen op die mij die maand het meest plezier hebben bezorgd. Dit keer met Stan Getz en Charlie Byrd, Noro Morales, Chavela Vargas, Maria Dolores Pradera en the Gibson Brothers:
Benders Platen top 5 Oktober 2008
Ik heb besloten elke maand een platen top 5 te doen van cd’s of platen die ik die maand het beste vond. Deze maand met de fantastische Roemeense Tango van Oana Catalina Chitu, met de razende accordeon van Ionica Minune, met de Fuga’s van Laibach, met Melingo, de Argentijnse Nick Cave en last but not least de fantastische plaat ‘The Dealer’ van Chico Hamilton
Commentaar