Pfeijffer

Boeken woedend in de hoek smijten

Recensent Pfeijffer leest nooit boeken en smijt goede boeken woedend in de hoek. Let op, morgen bleek dit stuk een postmodern grapje:

Pfeijffer leest nooit

Toch is deze eerlijke bekentenis van Ilja een stap in de goede richting. We horen nu dat een man die jarenlang pretendeerde de journalistiek-literaire consensus te kunnen bepalen ‘nauwelijks leest’ en, als hij eens leest, dat hij goede boeken groen van jaloezie in de hoek smijt.

Ik vind het typisch voor de babyboomer generatie dat deze ‘autoriteit die geen autoriteit is’ nog steeds op die plek kan blijven zitten. Dat deze lezers van NRC schijnbaar graag boeken besproken willen zien worden door iemand die aangeeft geen enkele afficiteit met het idee van een referentiekader te hebben – noch in persoonlijke, noch in contextuele zin. Ik weet niet of u ooit een goede film jaloers in de hoek smijt. Ik zou van een filmrecensent die zulk gedrag vertoont liever geen recensies lezen. En een filmregisseur die stikjaloers de film van een andere regisseur uitzet lijkt me vooral een regisseur die de meest basale vorm van zelfvertrouwen – de vertrouwen in het eigen kunnen – moet ontberen. Want dat is hier natuurlijk het echte issue: een minderwaardigheidscomplex.

Twee jaar geleden ontving ik ook een mailtje van Erik Lindner waarin hij te kennen gaf dat hij met mijn boek aan het smijten was geweest. Ik vond dat een heel raar idee. Waarom zou je in hemelsnaam met een boek gaan smijten? Ik kan me er iets bij voorstellen als het een slecht boek is, maar smijten met een goed boek, die neiging kan ik alleen vanuit een minderwaardigheidscomplex duiden.

Pfeijffer hangt natuurlijk al jaren de clown uit en ik ken persoonlijk niemand die de man serieus neemt. Ja, een of andere pipo in de NRC redactie, een oude schoolmakker waarschijnlijk. Maar een recensent die goede boeken jaloers in de hoek smijt is als een stikjaloers jurylid in een schoonheidswedstrijd waarin ook zijn eigen vrouw meeloopt: die man moet met een hele grote haak zo spoedig mogelijk het toneel worden afgetrokken.

Ilja Pfeijffer geweigerd wegens naaktfoto

Volgens Erik Jan Harmens is Ilja Pfeijffer door de commissie die een dichter des Vaderlands moet uitroepen van de shortlist geschrapt onder meer omdat hij naakt op zijn eigen boek is gaan zitten.

Ik schreef eerder een gedicht naar aanleiding van die foto, gewoon omdat ik de tragiek van die foto wou benadrukken. Ik vind het buitengewoon kleinzielig dat Pfeijffer op die grond geweigerd is, als het klopt, en ik wil een stukje Nietzsche citeren om dit te benadrukken:

“Wat is er middelmatig aan de typische mens? Dat hij de keerzijde der dingen niet als noodzakelijk opvat: dat hij de misstanden bestrijdt, alsof men die zou kunnen missen; dat hij het één niet samen met het ander wil accepteren, – dat hij het typische karakter van een ding, van een toestand, van een tijdperk, van een persoon zou willen uitwissen en uitvegen, doordat hij maar een deel van hun eigenschappen goedkeurt en de andere zou willen afschaffen. …’

” Ons inzicht is het omgekeerde: dat met iedere groei van de mens ook zijn keerzijde moet groeien, dat de hoogste mens, gesteld dat een dergelijk begrip gewettigd is, die mens zou zijn die het contrastkarakter van het bestaan het sterkst vertegenwoordigt, als glorie en de enige rechtvaardiging ervan…”

Wat gedachtes bij de ondergang van In Letterland

Zover ik het heb begrepen heeft Olaf Risee de handdoek in de ring gegooid, na jarenlang op vrij keurige wijze via respectievelijk ‘Risee in Letterland’ en later ‘In Letterland’ een prettig leesbaar poezie-periodiek neer te zetten. Directe aanleiding voor zijn capitulatie is de foto die Ilja Pfeijffer van zichzelf online heeft geplaatst. Uit chats met Risee kan ik opmaken dat hij zich, mede dankzij deze foto, niet langer met de Nederlandse poezie wenst te associeren.

Dat is jammer want In Letterland was nu juist de enige plek op het internet waar men nog op enigszins serieuze wijze poezienieuws bracht, zonder de dikke opsmuk van een achterliggend uitgeverijtje dat alle aandacht naar zich toe wil trekken, zonder de realpolitik van amateuristisch ellebogenwerk dat zich manifesteert als een selectieve smaak en zonder de snerende kleinzieligheid van de kruideniersrecensent. Een goede tegenhanger voor de Contrabas, dus.

Maar ja, het blijft poezienieuws. Breukers hoeft zich geen zorgen te maken dat Loewak in het gat gaat springen wat In Letterland achterlaat: dat gat is mij te klein, en nieuws is per definitie geen creatief medium: het is de sier maken met het werk van anderen. Het stelt eigenlijk niks voor.

Al sinds de jaren 60 wordt de poezie als het probleemkind van de cultuurwereld neergezet, een erfenis van de 60′ers, 50′ers en 40′ers die mijn generatie voorgingen. Een generatie waarmee ik. op enkele eenlingen als Ouwens na, eigenlijk weinig opheb. Gelukkig zijn er in de Nederlandse poeziewereld genoeg eenlingen die hun eigen baantjes trekken om de poezie niet helemaal aan de wilgen te hangen: mensen als Duinker, Verhelst, Bruinja, Oosterhoff, en ga zo maar even door. Feitelijk is er eigenlijk niets mis met de Nederlandse poezie. De productie is goed op peil en er wordt poezie van behoorlijk niveau geschreven.

Waarom dan steeds die boodschap dat er iets niet in orde zou zijn in de poeziewereld? Mijns inziens heeft die ‘herrieboodschap’ dezelfde functie die die foto van Pfeijffer ook heeft: het is de fetishistische beweging van de onderlaag van de poeziewereld, de mensen die het niet van hun talent moeten hebben. Wat er ontbreekt in de poeziewereld is precies hetzelfde wat ontbreekt in alle disciplines en lagen van de maatschappij: autoriteit en visie. Juist daarom weet een clown als Pfeijffer, een man die op zijn best de Jeff Koons van de Nederlandse poeziewereld genoemd kan worden (omdat hij consistent alleen edelkitsch produceert) – juist daarom krijgt zo’n man een ambassadeursfunctie toebedeelt.

Mag dat dan niet, kitsch produceren? Oh jawel – sterker nog, het is zo goed als onmogelijk kitschvrije poezie te schrijven. De laatste bundel van Verhelst scheert ook af en toe langs de rand van de kitsch en ook Karavanserai doet dat, wellicht te bewust, op diverse plekken. Het probleem is hier dan ook niet zozeer dat het kitsch betreft maar dat het kitsch is die zich niet bewust is van zichzelf. Want dat kun je Pfeijffer juist aanwrijven: elke keer als hij zijn mond opendoet komt er iets uit wat eigenlijk zijn eigen werk tegenspreekt. Hij schrijft geen hermetische, moeilijke poezie, namelijk. Hij schrijft juist uiterst begrijpelijke edelkitsch. En dat mag van mij best, maar saboteer dan niet steeds je autoriteit door te pogen het tegendeel van jezelf te zijn.

Juist daarom gaat de man natuurlijk naakt op zijn boeken staan, zit hij suf in een leeg online kantoor in second life te niksen: het is een autoriteit die constant zichzelf moet saboteren, omdat de hopeloosheid op de loer ligt. Dezelfde hopeloosheid waarmee 5000 kilometer verderop een jonge vrouw met een gordel bommen om zich opblaast: de machteloosheid werkelijk iets te veranderen.

Tijd voor wat cultuur:

En nu we het toch over de Dead Kennedies hebben – zulke oprecht kwade en intelligente stemmen vind je hedentendage moeilijk nog terug, hier het geweldige ‘Triumph of the Swill’ wat mij altijd een heerlijke opkikker geeft:

‘Music is banned in Khomeini’s Iran
on the ground that it stimulates the brain.
We done him one better in the land of coke and honey
using music to put people’s brains to sleep’

“Triumph Of The Swill”

Life can only get better
All you need to do is fall in love
Everyone else has fun but you
Buy that fun you’ll fit in too

Dance your problems away
GOVERNMENT MUSIC
Cheap escape to that mind-control beat
GOVERNMENT MUSIC
Mellow out-Life’s too hard
You don’t even want to think

See the macho cock-rock metal heroes
Vomit fire out of their big mouths
Shake your fists obediently
Make Leni Riefenstahl real proud

See the Aryan bozo with the red guitar
Parachute on the White House lawn
Gonna bomb the commies with his air guitar
So dumb he can’t drive 55

Like Bing Crosby before them
GOVERNMENT MUSIC
Too idiotic to be real
GOVERNMENT MUSIC
You want it loud?
We’ll make sure it goes nowhere
So you won’t get ideas

Triumph of the swill
Triumph of the swill
Triumph of the swill
Triumph of the swill

Music is banned in Khomeini’s Iran
On the grounds that it stimulates the brain
We’ve done him one better in the land of coke & honey
Using music to put people’s brains to sleep

Ever wonder why commercial radio’s so bad?
It’s ’cause someone upstairs wants it that way
If the Doors or John Lennon were getting started now
The industry wouldn’t sign ‘em in a million years

So what do we get
GOVERNMENT MUSIC
Christian censorship and taxed blank tapes
Shoppers strung out on our false hopes
Will flock to obey

Triumph of the swill
Triumph of the swill
Triumph of the swill
Triumph of the swill